Tweeduizendtwaalf was op spellengebied weer een bijzonder geslaagd jaar. Regelmatig was ik te vinden op een spellenmiddag, -avond, of -dag, bijvoorbeeld met collega's. Maar ook heb ik het afgelopen jaar de spelavonden van Spelgroep Phoenix bezocht, vooral in Leiden maar incidenteel ook in Capelle aan den IJssel. En sinds een paar maanden is ook in Den Haag een spelgroep te vinden: de Rode Dobbelsteen, die eens per twee weken op een dinsdag bijeenkomt in een plaatselijk café. En ook buiten de cubs om heb ik in 2012 een aantal nieuwe spellenvrienden opgedaan.
Het totaal aantal spellen dat ik gespeeld heb is voor het derde opeenvolgende jaar afgenomen, van 748 in 2009 naar slechts 656 het afgelopen jaar. Maar het aantal verschillende spellen was nog nooit zo hoog: maar liefst 220. En daarvan was bijna de helft nieuw voor mij: 108, ook een record.
Gemiddeld speelde ik elk spel dus minder dan drie keer. Maar natuurlijk waren er uitschieters: er zijn in totaal 11 spellen die ik meer dan tien keer op tafel zag komen. En dat waren:
1. Dominion (92 keer)
Het is het meest besproken spel hier op deze site, en het zal dus geen grote verrassing zijn dat Dominion ook het meest gespeelde spel is, net zoals in 2011 en 2010. Vorig jaar speelde ik het bijna 150 keer, dus mijn Dominion-verslaving is wel minder geworden, maar komt de komende tijd nog niet tot een eind, vermoed ik.
Dominion is een graag geziene afsluiter van een spellenavond, maar zo nu en dan wordt er ook een speciale Dominion-avond georganiseerd. Met alle nieuwe uitbreidingen die uitgekomen zijn (in 2012 alleen Dark Ages) blijft het spel leuk, hoewel het einde daarvan wel in zicht komt.
2. Tichu (39 keer)
Tichu was lange tijd het vaste lunch-spel op mijn werk. Er was een vaste groep van zo'n 15 spelers, die altijd wel te porren waren voor een spelletje. In 2009 logde ik 188 spellen Tichu (of Taipan, de naam van de Nederlandse uitgave). De speelwoede is wat afgenomen de laatste jaren, en andere spellen hebben de plaats van Tichu geeltelijk ingenomen, maar Tichu staat in 2012 nog altijd op de tweede plaats.
3. Kingdom Builder (23 keer)
Het tweede spel van Donald X. in deze lijst. Net zoals Dominion is Kingdom Builder iedere keer anders door de variabele set-up. Hoewel het op het eerste gezicht misschien een geluksspel lijkt, blijkt het na een paar keer spelen toch een geraffineerd strategiespel, waarin de speler die zijn extra acties het best kan uitbuiten vrijwel altijd met de overwinning gaat strijken.
Kingdom Builder is makkelijk uit te leggen, wordt door veel mensen leuk gevonden, en is daarom een ideaal spel om naar diverse spelgroepen mee te nemen; daarom heb ik het het afgelopen jaar zo vaak gespeeld.
4. 7 Wonders (21 keer)
Nog een spel dat redelijk makkelijk uit te leggen is, en dat met iedereen te spelen is. Het is geen uitzonderlijk goed spel, maar het grote pluspunt van 7 Wonders is dat het met 7 spelers te spelen is, en dat het spel zelfs bij het maximale spelersaantal niet veel trager verloopt dan bij minder spelers.
De meeste van mijn 21 potjes speelde ik bij Spelgroep Phoenix in Leiden, waar aan het eind van de avond vaak nog een grote groep spelers over is, maar net niet genoeg om twee tafels te vullen, en er nog net tijd is voor een kort spel: de standaardoplossing is 7 Wonders.
5. Tac (18 keer)
Tac is een Mens-erger-je-niet-variant met partnerschappen, en is bij Phoenix Leiden enorm populair. Er zijn spelers die iedere week wel een of twee keer Tac spelen. En als zij tegenspelers nodig hebben, dan meld ik mij graag aan, en zo komt Tac op een respectabele 5e positie in deze ranglijst terecht.
6. Glory to Rome (17 keer)
Dit heerlijk chaotische kaartspel is een van de spellen die de rol van Tichu als lunchspel op het werk hebben verdrongen. Helaas niet de karakteristieke originele Engelse editie, die hiernaast afgebeeld staat, want mijn medespelers gebruiken liever de Duitse versie van het spel, met de saaie, minder duidelijke graphics. Eeuwig zonde. Maar het spel is er niet minder leuk om.
7. Hanabi (15 keer)
Het eerste en enige spel in deze lijst dat ik dit jaar voor het eerst speelde. Dat was in oktober, dus de 15 keer dat ik Hanabi speelde, vonden allemaal in ruim 2 maanden plaats. Ik ben nog steeds op zoek naar de perfecte score, maar hoe vaker ik het speel met dezelfde mensen, des te meer voelen we elkaar aan, dus ooit gaat dat lukken.
Ook Hanabi is een succes bij alle spelers en alle speelgroepen met wie ik het geprobeerd heb. Een aanrader dus.
7. Magic: the Gathering (15 keer)
In kringloopwinkels heb ik in de loop der jaren een aantal keren Magic-kaarten gekocht. Daar heb ik de beste 350 van uitgezocht, en die gebruiken we voor een cube-draft: iedere speler trekt 75 kaarten uit deze stapel, en maakt daarvan een Magic-deck om mee te spelen. Zo kan je Magic spelen zonder dat je veel geld uit moet geven aan de nieuwste en beste kaarten. Ok, de gemiddelde kwaliteit van mijn kaarten is niet zo hoog, maar daar hebben alle spelers evenveel last van; en het spelplezier is er niet minder om.
7. Race for the Galaxy (15 keer)
Voordat Dominion die rol overnam, was Race for the Galaxy de vaste afsluiter van de spellenavonden met collega's. Niet zo gek, want een van die collega's is Spellengek Peter Hein, de grootste fan van Race die in Nederland te vinden is.
Tegenwoordig spelen we Race tijdens de lunchpauze. As we geen vier spelers voor Tichu kunnen vinden, tenminste.
10. Hoogspanning (14 keer)
Zowel in 2010 als in 2011 speelde ik Hoogspanning meer dan twintig keer, en dan is het aantal van 14 keer nu wel een tegenvaller. Zeker omdat het in mijn persoonlijke top-3 van beste spellen staat. Er was bij Spelgroep Phoenix een vast groepje spelers dat wel te porren was voor een partijtje elektriciteit produceren, maar helaas komen die niet allemaal meer even vaak.
Ik hoop dat ik een aantal anderen kan interesseen voor dit spel, want het moet vaker op tafel komen. Ik heb niet voor niets alle kaarten aangeschaft. Ik ben trouwens nog steeds een keertje van plan om alle kaarten (het zijn er 16) achter elkaar te spelen, in een lange marathonzitting. Ik ben benieuwd of ik daar medespelers voor kan vinden...
11. Metropolis (13 keer)
Dit kaartspelletje dankt zijn plaats in deze lijst helemaal aan zijn korte speelduur. Er zijn niet veel spelletjes die je kan doen als je tien minuten overhebt aan het eind van een avond, of tussen twee spellen door. En natuurlijk is Metropolis ook gewoon een leuk spel, al is het misschien iets te geluksafhankelijk. Maar in een spel dat zo kort duurt, is dat makkelijk te accepteren.
Alle andere spellen speelde ik hooguit 8 keer. Een van de spellen die 8 keer op tafel kwamen wil ik wel even noemen: dat was 1830. Mijn voornemen voor 2012 was om meer 18xx-en te spelen, en dat is gelukt: in totaal heb ik 30 keer een 18xx gespeeld, waarvan 1830 en Steam over Holland het vaakst.
En dat brengt me bij mijn voornemens voor 2013, en dan vooral die op spellengebied (want dat ik dit jaar hoop twee marathons te gaan lopen, dat interesseert jullie natuurlijk niet). Op Boardgamegeek, Bordspelmania en spellenblogs zijn al heel wat goede voornemens te vinden, en een rode draad daarin is "minder": mensen willen minder spellen hebben en minder spellen kopen enzovoorts. Dat begrijp ik dus totaal niet: spellen spelen is de leukste hobby die er is, en daar horen spellen bij! Zelf ben ik dus van plan om vooral meer te doen: meer spellen spelen, met meer verschlllende tegenstanders, en meer leuke spellen kopen.
Concreet: laat ik eens proberen om in 2013 meer spellen te spelen dan ooit: meer dus dan de 748 uit 2009. Bovendien moeten daarvan meer dan 30 een 18xx zijn. Voor het kopen van spellen hoef ik geen getallen noemen, want dat worden er vanzelf meer dan ik vantevoren inplan...
Tot slot wil ik iedereen een voorspoedig en spellenrijk 2013 toewensen, en ik hoop dat ik met velen van jullie dit jaar aan een speltafel zal zitten. Gelukkig nieuwjaar allemaal.
Posts tonen met het label race for the galaxy. Alle posts tonen
Posts tonen met het label race for the galaxy. Alle posts tonen
woensdag 2 januari 2013
Jaaroverzicht 2012
Labels:
18xx,
7 wonders,
dominion,
glory to rome,
hanabi,
hoogspanning,
kingdom builder,
magic the gathering,
race for the galaxy,
tac,
the city,
tichu
zaterdag 25 december 2010
De beste spellen van 2010: #7 Race for the Galaxy, The Brink of War
2010 loopt op zijn einde, dus is het een goed moment om eens terug te blikken. Wat waren de beste nieuwe spellen van het bijna afgelopen jaar? Tot nieuwjaar laat ik mijn top-10 zien. Vandaag de nummer 7: Race for the Galaxy, The Brink of War.
Ooit, toen de wereld nog jong was, buren elkaar nog groetten, en alleen Donald X. Vaccarino's familie nog van Dominion gehoord had, werd op het eind van iedere spellenavond Race for the Galaxy tevoorschijn gehaald. Met zijn korte speeltijd, meestal niet meer dan 20 minuten, waarin je continu aan de beurt was (want iedereen voert alle akties tegelijkertijd uit) was dit kaartspel een ideale afsluiter, en dan meestal een aantal potjes achter elkaar.
Het doel van Race is om het beste rijk op te bouwen, bestaande uit planeten en "ontwikkelingen". Een ronde bestaat uit diverse fasen: het trekken van kaarten, het spelen van ontwikkelingen, het spelen van planeten, het verkopen van goederen voor kaarten en punten, en het produceren van goederen op bepaalde planeten die je al gespeeld hebt. Maar niet iedere fase wordt altijd uitgevoerd: aan het begin van iedere ronde kiest iedere speler in het geheim een fase, en alleen de gekozen fases woren uitgevoerd; maar dan wel door iedere speler.
Mettertijd zijn er steeds meer uitbreidingen voor Race verschenen, die het spel steeds interessanter maakten, maar ook lastiger te doorgronden voor nieuwe spelers. Nu hadden nieuwe spelers toch al moeite om het spel op te pikken, vanwege de vele icoontjes op de kaarten. Voor ervaren spelers zijn die geen probleem, want ze zitten wel heel logisch in elkaar, maar het duurt een potje of drie voor je het spel doorhebt.
The Brink of War is de laatste uitbreiding op Race, en hiermee is het spel definitief te lastig geworden om uit te leggen. Met de kaarten uit deze doos wordt namelijk een nieuw concept geïntroduceerd: prestige. Prestige is een soort overwinningspunten, die met bepaalde (vaak dure) kaarten te verdienen is. Aan het eind van het spel is prestige punten waard, maar tijdens het spel kan je het ook gebruiken voor een extra bonus bij een bepaalde aktie.
Als je begint te spelen, duurt het even voor je door hebt hoe belangrijk prestige is (of niet; ook zonder prestige kan je nog winnen), en ook voor ervaren spelers voelt het spel met deze uitbreiding erbij zwaarder aan. Na mijn eerste keer spelen hoefde ik de rest van de dag geen Race meer te doen, en dat gevoel had ik nog nooit gehad. Met The Brink of War is Race nu definitief geen afsluiter meer, maar eigenlijk een gewoon spel geworden.
Althans, zo dacht ik er toen over. En als er geen computerversie was geweest, was het daarbij gebleven. Gelukkig is dat programma er wel, waardoor je tegen de computer kan oefenen. En dat helpt. Met meer ervaring blijkt Race nog steeds Race te zijn. Voor ervaren spelers is The Brink of War gewoon een heel goede uitbreiding, die Race for the Galaxy nog beter maakt; ja, zelfs een van de beste spellen van 2010. Beginnende spelers kunnen deze doos rustig nog even laten liggen.
Ooit, toen de wereld nog jong was, buren elkaar nog groetten, en alleen Donald X. Vaccarino's familie nog van Dominion gehoord had, werd op het eind van iedere spellenavond Race for the Galaxy tevoorschijn gehaald. Met zijn korte speeltijd, meestal niet meer dan 20 minuten, waarin je continu aan de beurt was (want iedereen voert alle akties tegelijkertijd uit) was dit kaartspel een ideale afsluiter, en dan meestal een aantal potjes achter elkaar.
Het doel van Race is om het beste rijk op te bouwen, bestaande uit planeten en "ontwikkelingen". Een ronde bestaat uit diverse fasen: het trekken van kaarten, het spelen van ontwikkelingen, het spelen van planeten, het verkopen van goederen voor kaarten en punten, en het produceren van goederen op bepaalde planeten die je al gespeeld hebt. Maar niet iedere fase wordt altijd uitgevoerd: aan het begin van iedere ronde kiest iedere speler in het geheim een fase, en alleen de gekozen fases woren uitgevoerd; maar dan wel door iedere speler.
Mettertijd zijn er steeds meer uitbreidingen voor Race verschenen, die het spel steeds interessanter maakten, maar ook lastiger te doorgronden voor nieuwe spelers. Nu hadden nieuwe spelers toch al moeite om het spel op te pikken, vanwege de vele icoontjes op de kaarten. Voor ervaren spelers zijn die geen probleem, want ze zitten wel heel logisch in elkaar, maar het duurt een potje of drie voor je het spel doorhebt.
The Brink of War is de laatste uitbreiding op Race, en hiermee is het spel definitief te lastig geworden om uit te leggen. Met de kaarten uit deze doos wordt namelijk een nieuw concept geïntroduceerd: prestige. Prestige is een soort overwinningspunten, die met bepaalde (vaak dure) kaarten te verdienen is. Aan het eind van het spel is prestige punten waard, maar tijdens het spel kan je het ook gebruiken voor een extra bonus bij een bepaalde aktie.
Als je begint te spelen, duurt het even voor je door hebt hoe belangrijk prestige is (of niet; ook zonder prestige kan je nog winnen), en ook voor ervaren spelers voelt het spel met deze uitbreiding erbij zwaarder aan. Na mijn eerste keer spelen hoefde ik de rest van de dag geen Race meer te doen, en dat gevoel had ik nog nooit gehad. Met The Brink of War is Race nu definitief geen afsluiter meer, maar eigenlijk een gewoon spel geworden.
Althans, zo dacht ik er toen over. En als er geen computerversie was geweest, was het daarbij gebleven. Gelukkig is dat programma er wel, waardoor je tegen de computer kan oefenen. En dat helpt. Met meer ervaring blijkt Race nog steeds Race te zijn. Voor ervaren spelers is The Brink of War gewoon een heel goede uitbreiding, die Race for the Galaxy nog beter maakt; ja, zelfs een van de beste spellen van 2010. Beginnende spelers kunnen deze doos rustig nog even laten liggen.
dinsdag 7 september 2010
Race for the Galaxy: 111 punten
Peter Hein had het al gezegd: met de nieuwste uitbreiding erbij zijn scores boven de 100 mogelijk, maar mij was het nog niet gelukt. Tot ik vanavond het volgende tableau bij elkaar speelde:
Maar liefst 111 punten, dankzij de prestigepunten die ieder 3 punten waard waren.
Mijn oude record, zonder Brink of War, was 88 punten.
Maar liefst 111 punten, dankzij de prestigepunten die ieder 3 punten waard waren.
Mijn oude record, zonder Brink of War, was 88 punten.
Abonneren op:
Posts (Atom)





