Tweeduizendtwaalf was op spellengebied weer een bijzonder geslaagd jaar. Regelmatig was ik te vinden op een spellenmiddag, -avond, of -dag, bijvoorbeeld met collega's. Maar ook heb ik het afgelopen jaar de spelavonden van Spelgroep Phoenix bezocht, vooral in Leiden maar incidenteel ook in Capelle aan den IJssel. En sinds een paar maanden is ook in Den Haag een spelgroep te vinden: de Rode Dobbelsteen, die eens per twee weken op een dinsdag bijeenkomt in een plaatselijk café. En ook buiten de cubs om heb ik in 2012 een aantal nieuwe spellenvrienden opgedaan.
Het totaal aantal spellen dat ik gespeeld heb is voor het derde opeenvolgende jaar afgenomen, van 748 in 2009 naar slechts 656 het afgelopen jaar. Maar het aantal verschillende spellen was nog nooit zo hoog: maar liefst 220. En daarvan was bijna de helft nieuw voor mij: 108, ook een record.
Gemiddeld speelde ik elk spel dus minder dan drie keer. Maar natuurlijk waren er uitschieters: er zijn in totaal 11 spellen die ik meer dan tien keer op tafel zag komen. En dat waren:
1. Dominion (92 keer)
Het is het meest besproken spel hier op deze site, en het zal dus geen grote verrassing zijn dat Dominion ook het meest gespeelde spel is, net zoals in 2011 en 2010. Vorig jaar speelde ik het bijna 150 keer, dus mijn Dominion-verslaving is wel minder geworden, maar komt de komende tijd nog niet tot een eind, vermoed ik.
Dominion is een graag geziene afsluiter van een spellenavond, maar zo nu en dan wordt er ook een speciale Dominion-avond georganiseerd. Met alle nieuwe uitbreidingen die uitgekomen zijn (in 2012 alleen Dark Ages) blijft het spel leuk, hoewel het einde daarvan wel in zicht komt.
2. Tichu (39 keer)
Tichu was lange tijd het vaste lunch-spel op mijn werk. Er was een vaste groep van zo'n 15 spelers, die altijd wel te porren waren voor een spelletje. In 2009 logde ik 188 spellen Tichu (of Taipan, de naam van de Nederlandse uitgave). De speelwoede is wat afgenomen de laatste jaren, en andere spellen hebben de plaats van Tichu geeltelijk ingenomen, maar Tichu staat in 2012 nog altijd op de tweede plaats.
3. Kingdom Builder (23 keer)
Het tweede spel van Donald X. in deze lijst. Net zoals Dominion is Kingdom Builder iedere keer anders door de variabele set-up. Hoewel het op het eerste gezicht misschien een geluksspel lijkt, blijkt het na een paar keer spelen toch een geraffineerd strategiespel, waarin de speler die zijn extra acties het best kan uitbuiten vrijwel altijd met de overwinning gaat strijken.
Kingdom Builder is makkelijk uit te leggen, wordt door veel mensen leuk gevonden, en is daarom een ideaal spel om naar diverse spelgroepen mee te nemen; daarom heb ik het het afgelopen jaar zo vaak gespeeld.
4. 7 Wonders (21 keer)
Nog een spel dat redelijk makkelijk uit te leggen is, en dat met iedereen te spelen is. Het is geen uitzonderlijk goed spel, maar het grote pluspunt van 7 Wonders is dat het met 7 spelers te spelen is, en dat het spel zelfs bij het maximale spelersaantal niet veel trager verloopt dan bij minder spelers.
De meeste van mijn 21 potjes speelde ik bij Spelgroep Phoenix in Leiden, waar aan het eind van de avond vaak nog een grote groep spelers over is, maar net niet genoeg om twee tafels te vullen, en er nog net tijd is voor een kort spel: de standaardoplossing is 7 Wonders.
5. Tac (18 keer)
Tac is een Mens-erger-je-niet-variant met partnerschappen, en is bij Phoenix Leiden enorm populair. Er zijn spelers die iedere week wel een of twee keer Tac spelen. En als zij tegenspelers nodig hebben, dan meld ik mij graag aan, en zo komt Tac op een respectabele 5e positie in deze ranglijst terecht.
6. Glory to Rome (17 keer)
Dit heerlijk chaotische kaartspel is een van de spellen die de rol van Tichu als lunchspel op het werk hebben verdrongen. Helaas niet de karakteristieke originele Engelse editie, die hiernaast afgebeeld staat, want mijn medespelers gebruiken liever de Duitse versie van het spel, met de saaie, minder duidelijke graphics. Eeuwig zonde. Maar het spel is er niet minder leuk om.
7. Hanabi (15 keer)
Het eerste en enige spel in deze lijst dat ik dit jaar voor het eerst speelde. Dat was in oktober, dus de 15 keer dat ik Hanabi speelde, vonden allemaal in ruim 2 maanden plaats. Ik ben nog steeds op zoek naar de perfecte score, maar hoe vaker ik het speel met dezelfde mensen, des te meer voelen we elkaar aan, dus ooit gaat dat lukken.
Ook Hanabi is een succes bij alle spelers en alle speelgroepen met wie ik het geprobeerd heb. Een aanrader dus.
7. Magic: the Gathering (15 keer)
In kringloopwinkels heb ik in de loop der jaren een aantal keren Magic-kaarten gekocht. Daar heb ik de beste 350 van uitgezocht, en die gebruiken we voor een cube-draft: iedere speler trekt 75 kaarten uit deze stapel, en maakt daarvan een Magic-deck om mee te spelen. Zo kan je Magic spelen zonder dat je veel geld uit moet geven aan de nieuwste en beste kaarten. Ok, de gemiddelde kwaliteit van mijn kaarten is niet zo hoog, maar daar hebben alle spelers evenveel last van; en het spelplezier is er niet minder om.
7. Race for the Galaxy (15 keer)
Voordat Dominion die rol overnam, was Race for the Galaxy de vaste afsluiter van de spellenavonden met collega's. Niet zo gek, want een van die collega's is Spellengek Peter Hein, de grootste fan van Race die in Nederland te vinden is.
Tegenwoordig spelen we Race tijdens de lunchpauze. As we geen vier spelers voor Tichu kunnen vinden, tenminste.
10. Hoogspanning (14 keer)
Zowel in 2010 als in 2011 speelde ik Hoogspanning meer dan twintig keer, en dan is het aantal van 14 keer nu wel een tegenvaller. Zeker omdat het in mijn persoonlijke top-3 van beste spellen staat. Er was bij Spelgroep Phoenix een vast groepje spelers dat wel te porren was voor een partijtje elektriciteit produceren, maar helaas komen die niet allemaal meer even vaak.
Ik hoop dat ik een aantal anderen kan interesseen voor dit spel, want het moet vaker op tafel komen. Ik heb niet voor niets alle kaarten aangeschaft. Ik ben trouwens nog steeds een keertje van plan om alle kaarten (het zijn er 16) achter elkaar te spelen, in een lange marathonzitting. Ik ben benieuwd of ik daar medespelers voor kan vinden...
11. Metropolis (13 keer)
Dit kaartspelletje dankt zijn plaats in deze lijst helemaal aan zijn korte speelduur. Er zijn niet veel spelletjes die je kan doen als je tien minuten overhebt aan het eind van een avond, of tussen twee spellen door. En natuurlijk is Metropolis ook gewoon een leuk spel, al is het misschien iets te geluksafhankelijk. Maar in een spel dat zo kort duurt, is dat makkelijk te accepteren.
Alle andere spellen speelde ik hooguit 8 keer. Een van de spellen die 8 keer op tafel kwamen wil ik wel even noemen: dat was 1830. Mijn voornemen voor 2012 was om meer 18xx-en te spelen, en dat is gelukt: in totaal heb ik 30 keer een 18xx gespeeld, waarvan 1830 en Steam over Holland het vaakst.
En dat brengt me bij mijn voornemens voor 2013, en dan vooral die op spellengebied (want dat ik dit jaar hoop twee marathons te gaan lopen, dat interesseert jullie natuurlijk niet). Op Boardgamegeek, Bordspelmania en spellenblogs zijn al heel wat goede voornemens te vinden, en een rode draad daarin is "minder": mensen willen minder spellen hebben en minder spellen kopen enzovoorts. Dat begrijp ik dus totaal niet: spellen spelen is de leukste hobby die er is, en daar horen spellen bij! Zelf ben ik dus van plan om vooral meer te doen: meer spellen spelen, met meer verschlllende tegenstanders, en meer leuke spellen kopen.
Concreet: laat ik eens proberen om in 2013 meer spellen te spelen dan ooit: meer dus dan de 748 uit 2009. Bovendien moeten daarvan meer dan 30 een 18xx zijn. Voor het kopen van spellen hoef ik geen getallen noemen, want dat worden er vanzelf meer dan ik vantevoren inplan...
Tot slot wil ik iedereen een voorspoedig en spellenrijk 2013 toewensen, en ik hoop dat ik met velen van jullie dit jaar aan een speltafel zal zitten. Gelukkig nieuwjaar allemaal.
Posts tonen met het label the city. Alle posts tonen
Posts tonen met het label the city. Alle posts tonen
woensdag 2 januari 2013
Jaaroverzicht 2012
Labels:
18xx,
7 wonders,
dominion,
glory to rome,
hanabi,
hoogspanning,
kingdom builder,
magic the gathering,
race for the galaxy,
tac,
the city,
tichu
maandag 2 januari 2012
December 2011
Met een paar spellendagen in de kerstvakantie was december voor mij een van de spellenrijkste maanden van het jaar. In totaal heb ik 75 keer een spel gespeeld. Het vaakst kwam (zoals gebruikelijk) Dominion op tafel: 16 keer.
Zeven spellen waren nieuw voor mij. Zoals gewoonlijk heb ik geprobeerd ze te ordenen, met de beste voorop, maar dat was niet makkelijk, want er zaten geen slechte spellen tussen. Alleen het beste spel van de maand stak er hoog bovenuit:
Kingdom Builder
Deze titel kreeg wisselende kritieken na Essen, dus ik begon er met enige terughoudendheid aan, maar halverwege het spel was dat veranderd in enthousiasme: ik zat dit echt met plezier te spelen. Dit is dan ook een spel dat precies in mijn straatje past: een briljant puzzelspel.
Het spelverloop lijkt gedomineerd te worden door toeval: iedere beurt trek je een kaart, die oplegt waar op het bord je je huisjes mag plaatsen. Dit beperkt je mogelijkheden tot taktisch spelen. De kunst zit er dan ook in, om iedere beurt je opties zo open mogelijk te houden, welke kaart je volgende beurt ook trekt.
Kingdom Builder is het derde spel van Donald X. Vaccarino dat ik gespeeld heb (eerder speelde ik Nefarious en natuurlijk Dominion), en het is wat mij betreft weer een succes. Jammer van de prijs, die wat aan de forse kant is.
The City
Een klein kaartspelletje, dat duidelijk afgeleid is van de moderne klassieker Race for the Galaxy. Iedere ronde mag je 1 kaart voor je neerleggen, door het betalen van de prijs die in de rechterbovenhoek staat. Betalen doe je met kaarten uit je hand. Iedere kaart die je voor je hebt liggen levert aan het eind van iedere ronde een bepaald aantal kaarten en punten op, en als een speler de 50 punten gepasseerd is, eindigt het spel.
Met misschien maar 10 procent van de regels van Race is The City duidelijk veel geschikter voor de wat minder hardcore speler, maar ook de veelspeler kan best plezier beleven aan dit tussendoortje, dat maar een kwartier hoeft te duren.
Gipf ♻
Een abstract spel, waarin je iedere beurt een zwarte of witte steen vanaf de rand het zeshoekige bord op schuift. Vorm je op die manier een rijtje van 5 stenen van 1 kleur, dan gaan die 5 stenen terug naar de vorraad van de eigenaar, en eventueel aangrenzende stenen van de andere kleur gaan terug in de doos. Zo verdwijnen langzaam alle stenen uit het spel. De eerste speler die geen steen meer in zijn voorraad heeft om op het bord te brengen, verliest.
Gipf is een spel van een behoorlijk hoog niveau. Door het verschuiven van de stenen verandert het bord iedere beurt behoorlijk, waardoor het lastig blijkt om een aantal zetten vooruit te voorspellen. Niettemin een behoorlijk goed spel, hoewel verschillende andere spellen in dezelfde reeks (Dvonn, Tzaar) waarschijnlijk mijn voorkeur hebben.
Mr. Jack
In Mr. Jack neemt de ene speler de rol op zich van Mr. Jack, een crimineel die door de andere speler opgepakt moet worden. Op het bord bevinden zich 8 karakters, waarvan er 1 Mr. Jack is. Zijn identiteit is natuurlijk niet bekend bij de inspecteur. Om de beurt mogen de spelers zetten doen met deze karakters, en om de zoveel tijd moet Mr. Jack informatie geven: aan het eind van iedere ronde zegt hij of zijn personage "zichtbaar" is, dat wil zeggen: naast een ander karakter of een lantaarnpaal staat.
De inspecteur moet binnen een vastgesteld aantal beurten de identiteit van zijn tegenspeler achterhalen, en deze arresteren met behulp van een van de andere personen. Lukt dat niet, dan wint Mr. Jack.
Dit is een geslaagde variant op het Scotland Yard-principe. Op het eerste gezicht lijken beide partijen goed gebalanceerd, hoewel de rol van voortvluchtige voor een beginnende speler mij iets moeilijker lijkt. (Maar ik heb het spel pas 1 keer gespeeld, als Mr. Jack, dus ik ben misschien bevooroordeeld.)
Master Merchant
Iedere speler heeft een eigen deck met kaarten; door deze uit te spelen kan hij geld verdienen, waarmee hij nieuwe kaarten voor zijn deck koopt, die hij in een volgende beurt uit kan spelen, etcetera. Kortom: een soort Dominion. Maar bij Master Merchant trek je altijd je hele deck in je hand, om die vervolgens in een aantal beurten helemaal leeg te spelen. Zo heb je dus volledige controle over hoe je je kaarten speelt, zonder afhankelijk te zijn van of je de kaartencombinatie trekt die je nodig hebt, zoals in Dominion. Tenminste, zolang de andere spelers geen aanvalskaarten spelen (maar dat zullen ze waarschijnlijk wel doen).
Het resultaat is een taktisch gevecht voor 2 tot 4 spelers, dat soms wat onoverzichtelijk wordt door de vele mogelijkheden, maar met zijn korte speelduur niet verveelt.
Hau La
Ik heb al redelijk wat bouwspellen gespeeld, maar een als Hau La nog nooit. In plaats van met houten blokken, wordt dit spel gespeeld met schuimrubberen strookjes. In ieder strookje zitten gaten, waar andere strookjes in gestoken kunnen worden, en zo kan je een heel bouwsel bouwen. Om de beurt voegen de spelers een strookje toe, en het gaat er uiteindelijk om om zo hoog mogelijk te komen.
Omdat de strookjes van een buigzaam materiaal gemaakt zijn, kan je ze zo plaatsen dat het hele bouwwerk verwrongen wordt en de markers van de andere spelers naar beneden getrokken worden. Ik ben nog niet helemaal overtuigd dat dit een goed spel is, maar het is in ieder geval origineel, en met zijn korte speelduur zeker geschikt als avond-opener of afsluiter.
Jambo
In dit 2-persoonskaartspel gaat het om de aan- en verkoop van goederen. Op de meeste kaartjes in dit spel staan drie goederen afgebeeld. Als je zo'n kaart speelt, heb je de keus om al deze goederen te kopen, of om deze zelfde goederen te verkopen (tegen een hogere prijs, natuurlijk). Daarnaast zijn er een groot aantal kaarten die een speciale actie doen. Door het slim uitspelen van deze kaarten probeer je zo snel mogelijk een bepaald vermogen op te bouwen.
Jambo is een aardig spel, dat lekker wegspeelt, maar niet echt vernieuwend is. Ik zou het graag nog een keertje doen, maar het zal bij mij de honderd keer lang niet halen (zoals bij sommige bekenden van mij wel het geval is).
Daarnaast heb ik ook een aantal nieuwe uitbreidingen uitgeprobeerd:
Carcassonne: Die Schule
Carcassonne: De Toren
De Graaf van Carcassonne
Deze drie uitbreidingen heb ik allemaal tegelijk gespeeld in een spel mega-Carcassonne, waar verder ook de eerste Uitbreiding en The Cult aan toegevoegd was. Met zoveel uitbreidingen werd het spel behoorlijk topzwaar. Er waren zoveel dingen om rekening mee te houden, dat het een echte breinbreker werd. Jammer, want Carcassonne moet het hebben van zijn eenvoud.
De voornaamste schuldige was De Toren. Op sommige tegels kan je torens bouwen; doe je dat, dan kan je naburige poppetjes gevangen nemen. Het is daarom erg onaantrekkelijk om torens naast bestaande torens aan te leggen; dit maakt het spelen vaak erg lastig. Maar als je een tegel met een toren trekt, dan kan je vaak een goed scorende pop van een tegenstander wegjagen. Het toevallig trekken van zo'n tegel heeft een (voor mij) onaanvaardbaar grote invloed op het spel.
De Graaf is een kleine uitbreiding: 12 tegeltjes met daarop een stad. Deze stad vervangt de starttegel. Op de stad kan je poppen plaatsen, die later in het spel verplaatst kunnen worden naar een straat, stad, of weide die gescoord gaat worden. Ook deze uitbreiding maakt het spel gemener en lastiger, en niet echt leuker.
Die Schule is nog kleiner: twee tegeltjes die samen een school afbeelden, met 6 wegen. Als je een van deze wegen afsluit, dan krijg je de leraar, wat betekent dat je meeprofiteert van de volgende telling, ongeacht of je daar zelf een poppetje hebt ingezet. Deze uitbreiding is de enige van de drie die ik nog vaker zal gebruiken. Op Essen was ze samen met de Carcassonne-promokaarten voor Dominion te koop; een aanrader.
Thurn und Thaxis: Alle Wegen führen nach Rom
In deze doos zitten twee kleine uitbreidingen voor T&T, waarvan we er een gespeeld hebben. Op een extra speelbord zijn een aantal wegen afgebeeld, die naar Rome leiden. Voor ieder land in het spel wordt er een postkoets neergezet aan het begin van een route. Alle spelers verdelen in het geheim hun reizigers (van waarde 1 tot 5) Elke keer als je een route afsluit, en je zet in een stad op die route geen huisje, dan mag je de postkoets van die kleur een stapje vooruit zetten. Alleen reizigers die voor het einde van het spel Rome bereiken, kunnen punten opleveren.
Deze uitbreiding is niet onaardig, maar voegt ook weer niet heel veel aan het spel toe. De eerste uitbreiding, Glanz und Gloria, is een stuk interessanter.
Zeven spellen waren nieuw voor mij. Zoals gewoonlijk heb ik geprobeerd ze te ordenen, met de beste voorop, maar dat was niet makkelijk, want er zaten geen slechte spellen tussen. Alleen het beste spel van de maand stak er hoog bovenuit:
Kingdom Builder
Deze titel kreeg wisselende kritieken na Essen, dus ik begon er met enige terughoudendheid aan, maar halverwege het spel was dat veranderd in enthousiasme: ik zat dit echt met plezier te spelen. Dit is dan ook een spel dat precies in mijn straatje past: een briljant puzzelspel.
Het spelverloop lijkt gedomineerd te worden door toeval: iedere beurt trek je een kaart, die oplegt waar op het bord je je huisjes mag plaatsen. Dit beperkt je mogelijkheden tot taktisch spelen. De kunst zit er dan ook in, om iedere beurt je opties zo open mogelijk te houden, welke kaart je volgende beurt ook trekt.
Kingdom Builder is het derde spel van Donald X. Vaccarino dat ik gespeeld heb (eerder speelde ik Nefarious en natuurlijk Dominion), en het is wat mij betreft weer een succes. Jammer van de prijs, die wat aan de forse kant is.
The City
Een klein kaartspelletje, dat duidelijk afgeleid is van de moderne klassieker Race for the Galaxy. Iedere ronde mag je 1 kaart voor je neerleggen, door het betalen van de prijs die in de rechterbovenhoek staat. Betalen doe je met kaarten uit je hand. Iedere kaart die je voor je hebt liggen levert aan het eind van iedere ronde een bepaald aantal kaarten en punten op, en als een speler de 50 punten gepasseerd is, eindigt het spel.
Met misschien maar 10 procent van de regels van Race is The City duidelijk veel geschikter voor de wat minder hardcore speler, maar ook de veelspeler kan best plezier beleven aan dit tussendoortje, dat maar een kwartier hoeft te duren.
Gipf ♻
Een abstract spel, waarin je iedere beurt een zwarte of witte steen vanaf de rand het zeshoekige bord op schuift. Vorm je op die manier een rijtje van 5 stenen van 1 kleur, dan gaan die 5 stenen terug naar de vorraad van de eigenaar, en eventueel aangrenzende stenen van de andere kleur gaan terug in de doos. Zo verdwijnen langzaam alle stenen uit het spel. De eerste speler die geen steen meer in zijn voorraad heeft om op het bord te brengen, verliest.
Gipf is een spel van een behoorlijk hoog niveau. Door het verschuiven van de stenen verandert het bord iedere beurt behoorlijk, waardoor het lastig blijkt om een aantal zetten vooruit te voorspellen. Niettemin een behoorlijk goed spel, hoewel verschillende andere spellen in dezelfde reeks (Dvonn, Tzaar) waarschijnlijk mijn voorkeur hebben.
Mr. Jack
In Mr. Jack neemt de ene speler de rol op zich van Mr. Jack, een crimineel die door de andere speler opgepakt moet worden. Op het bord bevinden zich 8 karakters, waarvan er 1 Mr. Jack is. Zijn identiteit is natuurlijk niet bekend bij de inspecteur. Om de beurt mogen de spelers zetten doen met deze karakters, en om de zoveel tijd moet Mr. Jack informatie geven: aan het eind van iedere ronde zegt hij of zijn personage "zichtbaar" is, dat wil zeggen: naast een ander karakter of een lantaarnpaal staat.
De inspecteur moet binnen een vastgesteld aantal beurten de identiteit van zijn tegenspeler achterhalen, en deze arresteren met behulp van een van de andere personen. Lukt dat niet, dan wint Mr. Jack.
Dit is een geslaagde variant op het Scotland Yard-principe. Op het eerste gezicht lijken beide partijen goed gebalanceerd, hoewel de rol van voortvluchtige voor een beginnende speler mij iets moeilijker lijkt. (Maar ik heb het spel pas 1 keer gespeeld, als Mr. Jack, dus ik ben misschien bevooroordeeld.)
Master Merchant
Iedere speler heeft een eigen deck met kaarten; door deze uit te spelen kan hij geld verdienen, waarmee hij nieuwe kaarten voor zijn deck koopt, die hij in een volgende beurt uit kan spelen, etcetera. Kortom: een soort Dominion. Maar bij Master Merchant trek je altijd je hele deck in je hand, om die vervolgens in een aantal beurten helemaal leeg te spelen. Zo heb je dus volledige controle over hoe je je kaarten speelt, zonder afhankelijk te zijn van of je de kaartencombinatie trekt die je nodig hebt, zoals in Dominion. Tenminste, zolang de andere spelers geen aanvalskaarten spelen (maar dat zullen ze waarschijnlijk wel doen).
Het resultaat is een taktisch gevecht voor 2 tot 4 spelers, dat soms wat onoverzichtelijk wordt door de vele mogelijkheden, maar met zijn korte speelduur niet verveelt.
Hau La
Ik heb al redelijk wat bouwspellen gespeeld, maar een als Hau La nog nooit. In plaats van met houten blokken, wordt dit spel gespeeld met schuimrubberen strookjes. In ieder strookje zitten gaten, waar andere strookjes in gestoken kunnen worden, en zo kan je een heel bouwsel bouwen. Om de beurt voegen de spelers een strookje toe, en het gaat er uiteindelijk om om zo hoog mogelijk te komen.
Omdat de strookjes van een buigzaam materiaal gemaakt zijn, kan je ze zo plaatsen dat het hele bouwwerk verwrongen wordt en de markers van de andere spelers naar beneden getrokken worden. Ik ben nog niet helemaal overtuigd dat dit een goed spel is, maar het is in ieder geval origineel, en met zijn korte speelduur zeker geschikt als avond-opener of afsluiter.
Jambo
In dit 2-persoonskaartspel gaat het om de aan- en verkoop van goederen. Op de meeste kaartjes in dit spel staan drie goederen afgebeeld. Als je zo'n kaart speelt, heb je de keus om al deze goederen te kopen, of om deze zelfde goederen te verkopen (tegen een hogere prijs, natuurlijk). Daarnaast zijn er een groot aantal kaarten die een speciale actie doen. Door het slim uitspelen van deze kaarten probeer je zo snel mogelijk een bepaald vermogen op te bouwen.
Jambo is een aardig spel, dat lekker wegspeelt, maar niet echt vernieuwend is. Ik zou het graag nog een keertje doen, maar het zal bij mij de honderd keer lang niet halen (zoals bij sommige bekenden van mij wel het geval is).
Daarnaast heb ik ook een aantal nieuwe uitbreidingen uitgeprobeerd:
Carcassonne: Die Schule
Carcassonne: De Toren
De Graaf van Carcassonne
Deze drie uitbreidingen heb ik allemaal tegelijk gespeeld in een spel mega-Carcassonne, waar verder ook de eerste Uitbreiding en The Cult aan toegevoegd was. Met zoveel uitbreidingen werd het spel behoorlijk topzwaar. Er waren zoveel dingen om rekening mee te houden, dat het een echte breinbreker werd. Jammer, want Carcassonne moet het hebben van zijn eenvoud.
De voornaamste schuldige was De Toren. Op sommige tegels kan je torens bouwen; doe je dat, dan kan je naburige poppetjes gevangen nemen. Het is daarom erg onaantrekkelijk om torens naast bestaande torens aan te leggen; dit maakt het spelen vaak erg lastig. Maar als je een tegel met een toren trekt, dan kan je vaak een goed scorende pop van een tegenstander wegjagen. Het toevallig trekken van zo'n tegel heeft een (voor mij) onaanvaardbaar grote invloed op het spel.
De Graaf is een kleine uitbreiding: 12 tegeltjes met daarop een stad. Deze stad vervangt de starttegel. Op de stad kan je poppen plaatsen, die later in het spel verplaatst kunnen worden naar een straat, stad, of weide die gescoord gaat worden. Ook deze uitbreiding maakt het spel gemener en lastiger, en niet echt leuker.
Die Schule is nog kleiner: twee tegeltjes die samen een school afbeelden, met 6 wegen. Als je een van deze wegen afsluit, dan krijg je de leraar, wat betekent dat je meeprofiteert van de volgende telling, ongeacht of je daar zelf een poppetje hebt ingezet. Deze uitbreiding is de enige van de drie die ik nog vaker zal gebruiken. Op Essen was ze samen met de Carcassonne-promokaarten voor Dominion te koop; een aanrader.
Thurn und Thaxis: Alle Wegen führen nach Rom
In deze doos zitten twee kleine uitbreidingen voor T&T, waarvan we er een gespeeld hebben. Op een extra speelbord zijn een aantal wegen afgebeeld, die naar Rome leiden. Voor ieder land in het spel wordt er een postkoets neergezet aan het begin van een route. Alle spelers verdelen in het geheim hun reizigers (van waarde 1 tot 5) Elke keer als je een route afsluit, en je zet in een stad op die route geen huisje, dan mag je de postkoets van die kleur een stapje vooruit zetten. Alleen reizigers die voor het einde van het spel Rome bereiken, kunnen punten opleveren.
Deze uitbreiding is niet onaardig, maar voegt ook weer niet heel veel aan het spel toe. De eerste uitbreiding, Glanz und Gloria, is een stuk interessanter.
Labels:
carcassonne,
gipf,
hau la,
jambo,
kingdom builder,
maandoverzicht,
master merchant,
mr jack,
the city,
thurn und taxis
Abonneren op:
Posts (Atom)



