Posts tonen met het label 7 wonders. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 7 wonders. Alle posts tonen

dinsdag 26 februari 2013

Januari 2012

In januari heb ik 46 keer een spel gespeeld, waaronder vier nieuwe. Ook speelde ik drie nieuwe uitbreidingen. Meest gespeeld deze maand waren Kingdom Builder en Tichu, elk zeven keer.
 
De nieuwe spellen van januari waren, van best naar minst goed bevallen:
 
Het is onmogelijk on Reef Encounter na een keer spelen al te beoordelen. Daarvoor is het spel te ondoorzichtig. De regels zijn niet eenvoudig, en weinig intuïtief. Maar tijdens het spelen had ik wel de indruk dat dit spel een behoorlijke diepgang heeft.
 
Ik zal de gels hier niet in detail uitleggen, al is het maar omdat ik ze zelf niet meer weet, een maand na spelen van het spel. Ze hebben in ieder geval te maken met een koraalrif, waarop verschillende soortenpoliepen uit kunnen groeien tot een groot stuk koraal. De koralen worden bewaakt door de garnalen van de spelers, en dat is nodig, want anders kan het ene koraal het andere opeten. Als je stuk koraal groot genoeg is, kan je je vis langssturen om het op te eten, en uiteindelijk scoor je punten voor die opgegeten koraaltegels.
 
De toevalsfactor in het spel is laag, de strategische mogeljkheden hoog, en er zit voldoende interactie in: je kan je medespelers enorm dwarszitten. Ik zou dit spel graag nog veel vaker spelen, want dan pas krijg je volgens mij een beetje door wat de te volgen taktieken zijn. Aanrader!
 
 
Een ouderwetse euro, over de begintijd van New York. Aan het begin van iedere ronde wordt er een veiling gehouden, waarin je verschillende types acties kan kopen. Daarna kan je die acties gebruiken om bijvoorbeeld gebouwen in de stad te bouwen. Die leveren punten op, en bonusacties. Andere acties kan je bijvoorbeeld gebruiken om dierenvellen te kopen van de indianen rond Nieuw Amsterdam, en deze te verschepen naar Europa voor punten.
 
Nieuw Amsterdam is geen onaardig spel. Niets bijzonders, maar ik heb het met plezier gespeeld.
 
 
Een simpel slagenspelletje. Na iedere slag mag de winnaar een speelkaart van een van de tegenstanders uitzoeken; daarna doet de nummer twee hetzelfde, enzovoorts. De kaarten die je hier verzamelt, kan je gebruiken om puntenkaarten mee te kopen. Deze liggen in het midden van de tafel, en kosten allemaal een bepaalde combinatie van speelkaarten. Heb je echter meer speelkaarten dan dat de puntenkaart kost, dan zijn die speelkaarten strafpunten waard.
 
Old Men of the Forest is een simpel kaartspelletje, dat niet boven de massa uitstijgt. Voor de meeste gelegenheden kan je betere spellen in dit genre vinden.
 
Weer zo'n prachtig houten behendigheidsspel. Zoals de naam al aangeeft, is dit een soort Mikado met kubusjes. Met twee stokjes probeer je blokjes uit een stapel te verwijderen zonder de andere blokjes te laten bewegen. Grote blokken zijn daarbij meer punten waard dan kleine blokjes.
 
Cubicado is leuk om een keertje te doen, maar is verder niet echt spannend genoeg om vaker te spelen. Er zit te weinig strategie in, en het is te lastig om aan het begin van het spel een goede hoge stapel te bouwen. Er liggen daarom te vaak blokjes gewoon aan de rand, en die zijn dan te makkelijk te verwijderen.
 
 
En de nieuwe uitbreidingen:
 
Het bijzondere aan deze versie van Age of Steam is natuurlijk dat het bord in twee delen verdeeld is. In Noord-Korea is het goedkoop om spoor aan te leggen, maar liggen maar weinig blokjes. In het zuiden liggen veel meer blokjes, maar zijn de bouwkosten erg hoog.
 
De kleuren steden zijn niet gelijkmatig verdeeld over het bord, waardoor je eigenlijk vaak een blokje van de ene kant naar de andere kant wil verplaatsen, maar het grensverkeer is beperkt. In sommige rondes is het verboden een blokje van noord naar zuid te vervoeren, in andere rondes is verkeer in noordelijke richting niet toegestaan.
 
Korea is een goede variatie op een fantastisch spel.
 
 
Deze verzameling van een stuk of 30 wonderen is ontworpen door een fan, en te downloaden via BoardgameGeek. Sommige van deze kaarten zijn gebaseerd op bestaande "wereldwonderen", zoals "Angkor Wat" en de kanalen van Venetië (?) . Andere verwijzen naar legendes ("Atlantis", "Brigadoon") of werelden uit de literatuur ("R'lyeh"), en zelfs is er een serie bordspellen ("Dominion", "Caylus").
 
Vergeleken met de wonderen uit het basisspel, zijn deze "verloren wonderen" complexer en creatiever. Zo zijn er meer wonderen met een afwijkend aantal bouwfases, en minder wonderen die slechts punten of geld opleveren. Of ze allemaal even goed gebalanceerd zijn als de oorspronkelijke zeven wonderen, daar kan je je twijfels over hebben, maar ze brengen een hoop variatie mee. Niet geschikt voor onervaren 7 Wonders-spelers.
 
 
Deze officiële 7 Wonders-uitbreiding is een stuk tammer dan Lost Wonders. De uitbreiding bestaat uit een set kaarten, die gewoon meedoen in de draft. Je krijgt ieder tijdperk daarom nu acht kaarten in plaats van zeven. En die nieuwe kaarten hebben nieuwe eigenschappen, al wijken ze niet zo heel veel af van de originele kaarten. In plaats van 5 geld krijg je bijvoorbeeld met een van de nieuwe kaarten 7 geld, en je buren ieder 2. Cities verandert het spel niet wezenlijk, en is niet echt de moeite waard.
 

woensdag 2 januari 2013

Jaaroverzicht 2012

Tweeduizendtwaalf was op spellengebied weer een bijzonder geslaagd jaar. Regelmatig was ik te vinden op een spellenmiddag, -avond, of -dag, bijvoorbeeld met collega's. Maar ook heb ik het afgelopen jaar de spelavonden van Spelgroep Phoenix bezocht, vooral in Leiden maar incidenteel ook in Capelle aan den IJssel. En sinds een paar maanden is ook in Den Haag een spelgroep te vinden: de Rode Dobbelsteen, die eens per twee weken op een dinsdag bijeenkomt in een plaatselijk café. En ook buiten de cubs om heb ik in 2012 een aantal nieuwe spellenvrienden opgedaan.
 
Het totaal aantal spellen dat ik gespeeld heb is voor het derde opeenvolgende jaar afgenomen, van 748 in 2009 naar slechts 656 het afgelopen jaar. Maar het aantal verschillende spellen was nog nooit zo hoog: maar liefst 220. En daarvan was bijna de helft nieuw voor mij: 108, ook een record.
 
Gemiddeld speelde ik elk spel dus minder dan drie keer. Maar natuurlijk waren er uitschieters: er zijn in totaal 11 spellen die ik meer dan tien keer op tafel zag komen. En dat waren:
 
 
1. Dominion (92 keer)
Het is het meest besproken spel hier op deze site, en het zal dus geen grote verrassing zijn dat Dominion ook het meest gespeelde spel is, net zoals in 2011 en 2010. Vorig jaar speelde ik het bijna 150 keer, dus mijn Dominion-verslaving is wel minder geworden, maar komt de komende tijd nog niet tot een eind, vermoed ik.
 
Dominion is een graag geziene afsluiter van een spellenavond, maar zo nu en dan wordt er ook een speciale Dominion-avond georganiseerd. Met alle nieuwe uitbreidingen die uitgekomen zijn (in 2012 alleen Dark Ages) blijft het spel leuk, hoewel het einde daarvan wel in zicht komt.
 
 
2. Tichu (39 keer)
Tichu was lange tijd het vaste lunch-spel op mijn werk. Er was een vaste groep van zo'n 15 spelers, die altijd wel te porren waren voor een spelletje. In 2009 logde ik 188 spellen Tichu (of Taipan, de naam van de Nederlandse uitgave). De speelwoede is wat afgenomen de laatste jaren, en andere spellen hebben de plaats van Tichu geeltelijk ingenomen, maar Tichu staat in 2012 nog altijd op de tweede plaats.
 
 
3. Kingdom Builder (23 keer)
Het tweede spel van Donald X. in deze lijst. Net zoals Dominion is Kingdom Builder iedere keer anders door de variabele set-up. Hoewel het op het eerste gezicht misschien een geluksspel lijkt, blijkt het na een paar keer spelen toch een geraffineerd strategiespel, waarin de speler die zijn extra acties het best kan uitbuiten vrijwel altijd met de overwinning gaat strijken.
 
Kingdom Builder is makkelijk uit te leggen, wordt door veel mensen leuk gevonden, en is daarom een ideaal spel om naar diverse spelgroepen mee te nemen; daarom heb ik het het afgelopen jaar zo vaak gespeeld.
 
 
4. 7 Wonders (21 keer)
Nog een spel dat redelijk makkelijk uit te leggen is, en dat met iedereen te spelen is. Het is geen uitzonderlijk goed spel, maar het grote pluspunt van 7 Wonders is dat het met 7 spelers te spelen is, en dat het spel zelfs bij het maximale spelersaantal niet veel trager verloopt dan bij minder spelers.
 
De meeste van mijn 21 potjes speelde ik bij Spelgroep Phoenix in Leiden, waar aan het eind van de avond vaak nog een grote groep spelers over is, maar net niet genoeg om twee tafels te vullen, en er nog net tijd is voor een kort spel: de standaardoplossing is 7 Wonders.
 
 
5. Tac (18 keer)
Tac is een Mens-erger-je-niet-variant met partnerschappen, en is bij Phoenix Leiden enorm populair. Er zijn spelers die iedere week wel een of twee keer Tac spelen. En als zij tegenspelers nodig hebben, dan meld ik mij graag aan, en zo komt Tac op een respectabele 5e positie in deze ranglijst terecht.
 
 
6. Glory to Rome (17 keer)
Dit heerlijk chaotische kaartspel is een van de spellen die de rol van Tichu als lunchspel op het werk hebben verdrongen. Helaas niet de karakteristieke originele Engelse editie, die hiernaast afgebeeld staat, want mijn medespelers gebruiken liever de Duitse versie van het spel, met de saaie, minder duidelijke graphics. Eeuwig zonde. Maar het spel is er niet minder leuk om.
 
 
7. Hanabi (15 keer)
Het eerste en enige spel in deze lijst dat ik dit jaar voor het eerst speelde. Dat was in oktober, dus de 15 keer dat ik Hanabi speelde, vonden allemaal in ruim 2 maanden plaats. Ik ben nog steeds op zoek naar de perfecte score, maar hoe vaker ik het speel met dezelfde mensen, des te meer voelen we elkaar aan, dus ooit gaat dat lukken.
 
Ook Hanabi is een succes bij alle spelers en alle speelgroepen met wie ik het geprobeerd heb. Een aanrader dus.
 
 
7. Magic: the Gathering (15 keer)
In kringloopwinkels heb ik in de loop der jaren een aantal keren Magic-kaarten gekocht. Daar heb ik de beste 350 van uitgezocht, en die gebruiken we voor een cube-draft: iedere speler trekt 75 kaarten uit deze stapel, en maakt daarvan een Magic-deck om mee te spelen. Zo kan je Magic spelen zonder dat je veel geld uit moet geven aan de nieuwste en beste kaarten. Ok, de gemiddelde kwaliteit van mijn kaarten is niet zo hoog, maar daar hebben alle spelers evenveel last van; en het spelplezier is er niet minder om.
 
 
7. Race for the Galaxy (15 keer)
Voordat Dominion die rol overnam, was Race for the Galaxy de vaste afsluiter van de spellenavonden met collega's. Niet zo gek, want een van die collega's is Spellengek Peter Hein, de grootste fan van Race die in Nederland te vinden is.
 
Tegenwoordig spelen we Race tijdens de lunchpauze. As we geen vier spelers voor Tichu kunnen vinden, tenminste.
 
 
10. Hoogspanning (14 keer)
Zowel in 2010 als in 2011 speelde ik Hoogspanning meer dan twintig keer, en dan is het aantal van 14 keer nu wel een tegenvaller. Zeker omdat het in mijn persoonlijke top-3 van beste spellen staat. Er was bij Spelgroep Phoenix een vast groepje spelers dat wel te porren was voor een partijtje elektriciteit produceren, maar helaas komen die niet allemaal meer even vaak.
 
Ik hoop dat ik een aantal anderen kan interesseen voor dit spel, want het moet vaker op tafel komen. Ik heb niet voor niets alle kaarten aangeschaft. Ik ben trouwens nog steeds een keertje van plan om alle kaarten (het zijn er 16) achter elkaar te spelen, in een lange marathonzitting. Ik ben benieuwd of ik daar medespelers voor kan vinden...
 
 
11. Metropolis (13 keer)
Dit kaartspelletje dankt zijn plaats in deze lijst helemaal aan zijn korte speelduur. Er zijn niet veel spelletjes die je kan doen als je tien minuten overhebt aan het eind van een avond, of tussen twee spellen door. En natuurlijk is Metropolis ook gewoon een leuk spel, al is het misschien iets te geluksafhankelijk. Maar in een spel dat zo kort duurt, is dat makkelijk te accepteren.
 
 
Alle andere spellen speelde ik hooguit 8 keer. Een van de spellen die 8 keer op tafel kwamen wil ik wel even noemen: dat was 1830. Mijn voornemen voor 2012 was om meer 18xx-en te spelen, en dat is gelukt: in totaal heb ik 30 keer een 18xx gespeeld, waarvan 1830 en Steam over Holland het vaakst.
 
En dat brengt me bij mijn voornemens voor 2013, en dan vooral die op spellengebied (want dat ik dit jaar hoop twee marathons te gaan lopen, dat interesseert jullie natuurlijk niet). Op Boardgamegeek, Bordspelmania en spellenblogs zijn al heel wat goede voornemens te vinden, en een rode draad daarin is "minder": mensen willen minder spellen hebben en minder spellen kopen enzovoorts. Dat begrijp ik dus totaal niet: spellen spelen is de leukste hobby die er is, en daar horen spellen bij! Zelf ben ik dus van plan om vooral meer te doen: meer spellen spelen, met meer verschlllende tegenstanders, en meer leuke spellen kopen.
 
Concreet: laat ik eens proberen om in 2013 meer spellen te spelen dan ooit: meer dus dan de 748 uit 2009. Bovendien moeten daarvan meer dan 30 een 18xx zijn. Voor het kopen van spellen hoef ik geen getallen noemen, want dat worden er vanzelf meer dan ik vantevoren inplan...
 
Tot slot wil ik iedereen een voorspoedig en spellenrijk 2013 toewensen, en ik hoop dat ik met velen van jullie dit jaar aan een speltafel zal zitten. Gelukkig nieuwjaar allemaal.
 

zondag 5 december 2010

November 2010

En na oktober komt november. Zoals ik in het vorige berichtje al schreef, heb ik deze maand veel gespeeld. Maar liefst 105 keer kwam er een spel op tafel, waarvan 34 keer Dominion.

Veel van deze spellen waren nieuw voor mij. Niet allemaal even goed, helaas. Deze 3 spellen staken erboven uit:


Thebe
De spellen van Queen Games zijn vaak een paar jaar nadat ze op de markt komen al afgeprijsd te koop. Zo ook Thebe, dat ik op Essen voor 10 euro gekocht heb. En dat is het zeker waard.

In Thebe is iedere speler een archeoloog, die opgravingen gaat doen in Griekenland of het Nabije Oosten. Eerst moet je in de bibliotheken in Europa op zoek naar de nodige kennis over deze landen, in de vorm van kaartjes die in de diverse steden opgehaald kunnen worden. Daarna kan je afreizen naar een opgraving, om daar een aantal weken te besteden aan schatgraven.

Het schatgraven is een aardig mechanisme: je trekt een aantal fiches uit een zakje. Sommige hiervan zijn waardeloos puin: die gaan terug in de zak. Schatten zijn punten waard, dus die houd je. Hoe eerder je dus aan de slag gaat in een gebied, des te meer is er te halen. Maar als je meer tijd besteedt aan het verzamelen van kennis, mag je meer fiches trekken.

Thebe heeft een hoge geluksfactor, maar in dit spel stoort mij dat eigenlijk niet. Het thema van het spel komt goed terug in alle mechanismen, en van alle nieuwe spellen die ik deze maand gespeeld heb, had ik van Thebe het meeste plezier. Aanrader!


Railroad Barons
Deze Essen-aankoop werd aangekondigd als een 18xx-kaartspel voor 2 spelers dat in een uurtje gespeeld kan worden. Dat wekte meteen mijn interesse: een complex spellengenre als 18xx gereduceerd naar zo'n korte speeltijd, kan dat wel zonder alle interessante aspecten te verliezen? Het antwoord is: niet helemaal. Railroad Barons mist toch wel wat, vergeleken met de normale 18xx treinenspellen. Maar gezien de beperkte speeltijd is het toch de moeite waard.

Het opbouwen van een spoorwegnetwerk is eigenlijk mijn favoriete deel van treinenspellen. Railroad Barons laat dit helemaal weg, en concentreert zich op de aandelenmarkt en de aankoop van treinen. Maar dat werkt wel; het spel blijft tot het eind toe boeien. In mijn eerste spel duurde dat wel iets langer dan op de doos stond; je moet in eerste instantie wel op anderhalf uur rekenen.

Wil je dit spel proberen, download dan wel de gereviseerde handleiding van BoardGameGeek, en eventueel ook mijn eigen regelsamenvatting. Het meegeleverde boekje is hier en daar erg ondoorzichtig en zelfs onvolledig.

Small World
Small World doet in eerste instantie een beetje aan Risk denken: de bedoeling van het spel is om met je legers zoveel mogelijk landjes te veroveren, want landjes leveren punten op.  Er zijn echter 3 grote verschillen. Ten eerste zijn er geen dobbelstenen; het toeval speelt een zeer ondergeschikte rol. Ten tweede mag je je eigen volk in de steek laten wanneer het over zijn hoogtepunt heen is, om daarna met een nieuw volk opnieuw te gaan veroveren. En ten derde heeft ieder volk een eigen karaktereigenschap.

Vooral dat laatste punt maakt ieder spel weer anders. Ik heb dan ook erg veel plezier gehad van dit spel, hoewel ik vantevoren niet echt hoge verwachtingen had. Op de spellenclub zitten een paar grote Small World-fans, en ik zal  het dus nog wel een paar keer spelen. En dat vind ik helemaal niet erg.

Naast deze drie erg goede spellen waren er nog een groot aantal die ik minder interessant vond. In aflopende volgorde van kwaliteit:

GetH2O
Zoals de naam al suggereert, gaat dit spel over water. Het speelt zich af in een stad in een ontwikkelingsland, en iedere speler probeert zoveel mogelijk huizen op het bord te plaatsen. Daar is water voor nodig, dat uit waterbronnen komt. Helaas heeft iedere bron maar een beperkte capaciteit, en als een bron eenmaal op is, komt er nooit meer nieuw water in te staan. De spelers moeten dus samenwerken om het waterverbuik te beperken.

Helaas heeft iedere speler een eigen geheime rol. Sommige spelers kunnen bijvoorbeeld winnen als er een bepaald aantal bronnen zijn opgedroogd. Dat is niet bevorderlijk voor de samenwerking. Aan het eind van iedere ronde vinden er dan ook nog rampen plaats, die veroorzaakt worden door de kaarten die de spelers spelen. Daarbij is niet bekend wie welke kaart gespeeld heeft, en wie dus van welke ramp probeert te profiteren.

GetH2O is een interessant onderhandelingsspel, waarin de achterdocht het vaak wint van het gezond verstand. Of het spel goed in elkaar zit weet ik eigenlijk niet, omdat de winnaar in de spellen die ik gespeeld heb steeds bepaald werd door de sociale dynamiek, in plaats van strategisch spel. En volgens de ontwerper, Joris Dormans, was dat ook precies de bedoeling. Dit wil ik nog wel eens vaker proberen.

7 Wonders
Voor veel mensen is 7 Wonders de nieuwe Dominion. Zelf zie ik dat toch een beetje anders. Ja, 7 Wonders is een aardig spel, maar zoveel bijzonders is het ook weer niet.

In ieder van de 3 tijdperken van het spel krijg je 7 kaarten. Iedere ronde kies je er eentje uit om te spelen, en de rest geef je door aan de volgende speler. Sommige kaarten produceren grondstoffen; andere kosten grondstoffen maar leveren punten op. Om die neer te leggen mag je ook gebruik maken van de grondstoffen van je buren, maar daar moet je ze wel voor betalen.

Dat zit allemaal goed in elkaar, maar het spel mist iets extra's. Nu, na 3 keer spelen, heb ik al het idee dat ik alle kaarten wel een keer gezien heb. Ik zal het zeker nog een paar keer met veel plezier spelen, maar echte eeuwigheidswaarde heeft 7 Wonders wat mij betreft niet.

Bazaar
Dit is een oudje, dat ik voor een zacht prijsje in een kringloopwinkel gekocht heb. Door het omruilen van gekleurde fiches tegen vastgestelde ruilvoeten probeer je combinaties te vormen waar je punten mee scoort. Het is een spelmechanisme dat ik nog niet in een ander spel tegengekomen ben, en dat best goed werkt.

Bazaar is een behoorlijk leuk spel, dat (in ieder geval met 2 personen) niet lang duurt en lekker weg speelt. Van alle spellen die ik deze maand gespeeld heb, heeft het waarschijnlijk wel de beste prijs-kwaliteitverhouding.

Tumblin Dice
Ik houd wel van behendigheidsspellen, en Tumblin Dice is geen slecht exemplaar. Als je aan de beurt bent, werp je een dobbelsteen van een brede "trap" naar beneden. Hoe verder omlaag hij eindigt, des te meer punten krijg je, maar als hij helemaal van de trap valt, scoor je niets. Helaas telt het ook mee wat je met de dobbelsteen gooit, en een 1 op de laagste trede levert dus minder punten op dan een 6 op de hoogste trede. Zo wordt een goede worp teniet gedaan door stom toeval, en daarom is dit niet een van de betere behendigheidsspellen die ik ken.

Tac
Mens-erger-je-niet met kaarten, zo kan je Tac het beste omschrijven. Gelukkig maken die kaarten het spel wel een stuk taktischer. Het spel wordt met 4 spelers in 2 partnerschappen gespeeld . Vooral aan het eind van het spel, wanneer de ene speler al uit is en dus ook met de pionnen van de ander speelt, is het belangrijk om zo goed mogelijk samen te werken... zonder te communiceren, natuurlijk. Helemaal niet onaardig.

Inca Empire
Een spel dat vooral erg lang duurt. Iedere beurt mag je een paar wegen aanleggen, en eventueel een stad of fort bouwen. Na een paar ronden scoor je vervolgens voor iedere stad en ieder fort waar je aan verbonden bent. Dat klinkt heel simpel, maar het wordt interessant doordat je iedere ronde kaarten mag spelen met speciale eigenschappen. De kaarten gelden steeds voor twee spelers tegelijk, dus als je er eentje wil spelen met een positieve bonus, dan geldt die ook voor een van je buren.

We speelden dit met z'n drieën, wat niet het optimale aantal bleek te zijn. Uiteindelijk had iedere speler aan het eind van het spel vrijwel iedere gebouwde stad in zijn netwerk zitten, waardoor het aantal punten per ronde voor iedere speler dicht bij elkaar lag, en het dus onmogelijk bleek om een eenmaal opgelopen achterstand in te lopen.

Bangkok Klongs
Een klong is een bootje, waarmee Thaise boeren naar de markt komen varen. In dit spel worden bootjes neergelegd, waarop goederen en punten staan afgebeeld. Af en toe is er een waardering, waarbij iedere speler een blok van 4 aan elkaar grenzende bootjes mag aanwijzen om te waarderen. Iedere speler die in dat blok een bootje neergelegd had, krijgt vervolgens de bijbehorende punten. Aardig spelletje, maar geen blijvertje.

Martian Fluxx
Voor wie Fluxx kent, zal Martian Fluxx niet veel verassingen bieden. Alleen de zogeheten creepers zijn nieuw (ten opzichte van Fluxx, tenminste; ze waren al te vinden in andere Fluxx-en); dit zijn kaarten die je voor je neer legt als je ze trekt; je kan niet winnen zolang je nog creepers hebt. Wat heel vervelend is, als je er een stuk of 10 achter elkaar trekt, zoals mij overkwam. Maar  ja, als je niet van onvoorspelbaarheid houdt, moet je geen Fluxx spelen.

Ik hou wel van wat chaos, dus ik speel zo af en toe graag Fluxx. Helaas is Martian Fluxx net iets minder elegant dan de basis-variant. En als ik toch een variant met veel franje wil spelen, doe mij dan maar Monty Python Fluxx.

Politix
Dit is een obscuur Fins kaartspelletje, waarin je samen met een medespeler een politieke partij vormt. Door kaarten te verzamelen met "charme", "overtuigingskracht", en "intimidatie" kan je vervolgens verschillende kiezersgroeperingen (hippies, arbeiders, etc.) aantrekken. Het koppel dat aan het einde de meeste soorten kiezers heeft, wint de verkiezingen en het spel. Het spel was wel aardig, maar niet voldoende boeiend om het nog een keer te willen spelen; laat staan dat ik moeite zou willen doen om het aan te willen schaffen.

Cthulhu Dice
Gooi dobbelsteen; doe wat erop staat. Herhaal totdat iemand gewonnen heeft. Cthulhu Dice bestaat enkel uit een dobbelsteen en een aantal glazen "sanity counters", en is eigenlijk nauwelijks een spel te noemen. Gelukkig duurt het niet al te lang.

Martians!!!
Echte "Ameritrash" van het ergste soort. Hoewel het spelidee erg opwindend is ("De Marsmannetjes vallen aan!"), is de uitwerking ronduit saai te noemen. De eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat we het cooperatieve spel speelden. De competatieve variant schijnt leuker te zijn, maar ook 3 keer zo lang te duren. Dit is niks voor mij.

dinsdag 5 oktober 2010

Spiel 2010: vooruitblik 3

Ook voor mensen die niet van kaartspellen of lange treinenspellen houden, zijn er voldoende leuke nieuwe spellen te vinden op Spiel. Het is nog best moeilijk om die allemaal te vinden, want je kan alleen afgaan op de (partijdige) beschrijvingen van de uitgevers. Voor een paar spellen zijn er dan ook nog recensies van speltesters. Met die summiere bronnen is het lastig de leukste spellen uit te kiezen uit het overweldigende aanbod.

Hieronder staan een aantal spellen die mijn interesse gewekt hebben. Dat betekent nog niet dat ik ze ga kopen, en helemaal niet dat ik andere mensen ze zou aanraden, maar ik zal ze in Essen in ieder geval gaan bekijken.
  • 7 Wonders. De eerste berichten over dit spel zijn vrijwel unaniem lovend. Gedurende 3 ronden proberen de spelers de wereldwonderen te bouwen. Aan het begin van een ronde krijgt iedere speler 7 kaarten; hieruit kiezen ze er 1, die gespeeld kan worden (eventueel na betaling van de bouwkosten) en de rest wordt doorgegeven aan de linkerbuurman. Herhaal tot iedereen 6 kaarten gespeeld heeft. Sommige kaarten leveren grondstoffen, en andere geven kortingen op gebouwen. En een paar gebouwen zijn zelfs door de spelers naast de eigenaar te gebruiken, tegen betaling uiteraard.

    Omdat in ieder spel een willekeurige selectie van alle kaarten wordt gebruikt, is de wederspeelbaarheid (naar men zegt) groot. Voeg daarbij nog de prachtige opmaak van de kaarten en de speelborden die de speelbaarheid niet in de weg zit. Ik ben in ieder geval erg nieuwsgierig geworden.

    En toch ben ik er nog niet zeker van dat ik dit spel echt ga waarderen. De handleiding is intussen on-line gezet, en het lijkt me allemaal een beetje te simpel. Ik zie nog niet goed in hoe 7 Wonders het niveau van een Race for the Galaxy of een Dominion kan halen. Het wordt ook nogal eens vergeleken met Fairy Tale, wat wel een aardig spelletje is, maar geen hoogvlieger. Gelukkig neemt een van mijn regelmatige medespelers het spel waarschijnlijk wel mee naar huis, dus kan ik het dan in ieder geval uitproberen.
  • The Great Fire of London 1666. Het blussen van een grote brand lijkt mij een geweldig onderwerp voor een cooperatief spel in de stijl van Pandemie, met de spelers in de rol van brandweermannen. Helaas had Londen in de 17e eeuw nog geen brandweer, dus zijn de spelers grootgrondbezitters, die ieder 20 huizen in de City bezitten. Natuurlijk willen zij de brand blussen, maar een nog grotere prioriteit is om hun eigen huizen te beschermen; desnoods door het vuur in de richting van de huizen van een tegenspeler. In plaats van samenwerking biedt dit spel dus confrontatie, en aan het eind is er maar 1 winnaar.

    Het is voornamelijk het originele thema dat mij trekt in dit spel; ik hoop dat ik het spel op Spiel kan uitproberen, of in ieder geval kan bekijken. Als het spel op Essen te zien is, natuurlijk. De uitgever, JKLM Games, heeft de reputatie om vaak veel te laat te zijn met de publicatie van hun spellen. Maar het is nog maar twee weken tot aan Essen; veel kan er nu niet meer mis gaan, zou je zeggen.
  • Merkator. Uwe Rosenberg staat de laatste jaren garant voor goede middelzware spellen. Agricola is natuurlijk zijn grootste hit, maar ik heb afgelopen week zowel Le Havre als Loyang weer gespeeld, en ook dat zijn toppers, die ik eigenlijk vaker zou moeten spelen. Zijn nieuwe spel is Merkator, dat zich afspeelt tijdens de 30-jarige oorlog (die in Nederland bekender is als 80-jarige oorlog). De spelers zijn handelaren, die vanuit Hamburg hun waren proberen te slijten aan alle strijdende partijen.

    De uitleg van Uwe zelf klinkt behoorlijk ingewikkeld, met opdrachtkaarten en puntenkaarten en tijdfiches, maar ik heb er vertrouwen in dat ook Merkator weer prima speelbaar is. Ook van Merkator is de handleiding trouwens al op internet te vinden; ik ga 'm binnenkort eens uitprinten en doorlezen. En op Spiel zal ik 'm zonder twijfel ongespeeld kopen; ik moet me immers toch al bij de stand van Lookout Games melden (daarover later meer).
  • Sun, Sea & Sand. Een andere favoriete ontwerper van mij is Corne van Moorsel. Hij heeft net 3 nieuwe spellen voor Essen bekend gemaakt, en daarvan klinkt Sun, Sea & Sand het interessantst. Corne heeft mij de afgelopen jaren diverse keren verrast met simpele maar boeiende spellen. Factory Fun, Gipsy Kings (dat ik vorig jaar eigenlijk alleen maar kocht omdat je daar gratis de Factory Fun uitbreiding bij kreeg), en Powerboats zijn alle drie spellen die ik met veel plezier speel. Hopelijk is dit spel van hetzelfde niveau.

    Het onderwerp is redelijk origineel (hoewel het wel met Hotel Samoa wordt vergeleken; een spel waar ik niets van weet): iedere speler beheert een vakantiepark met bungalows en allerhande attracties. Daarmee proberen ze zoveel mogelijk touristen te trekken. Het spel bevat een leuk mechanisme dat voor iedere tourist bepaalt hoe lang hij in het park blijft; dit hangt natuurlijk af van het aantal attracties van het juiste soort. Verder is het een lichte worker-placement spel, en daar heb ik er nog niet zoveel van.

    Helaas is er behalve het persbericht van de uitgever nog niet veel bekend; zo zijn er nog nauwelijks recensies verschenen op de BoardGameGeek. Even afwachten dus nog of Sun, Sea & Sand de 30 euro waard is die ervoor gevraagd wordt.
  • Furstenfeld. Dit is hetzelfde verhaal: een nu net aangekondigd spel waarover niets bekend is, maar wel van een van mijn favoriete ontwerpers. Furstenfeld gaat over het bouwen van een kasteel op een stukje land. Om geld voor de bouw te verdienen leg je eerst hopvelden aan, en bouw je brouwerijen. Later moet je die weer afbreken om plaats ye maken voor het kasteel. Volgens de omschrijving van de uitgever is het ruimtegebrek een van de belangrijkste mechanismen in het spel: als je iets nieuws wil bouwen moet je steeds een van je oudere gebouwen afbreken.

    Furstenfeld lijkt mij de aardigste van Friedeman Frieses ontwerpen die op Spiel in premiere gaat. Verder heeft hij ook nog "Schwarze Freitag" (een aandelenspel) en "Famiglia" (een 2-persoons kaartspel) ontworpen, en daar ga ik ook nog wel even naar kijken.
Kortom, aardig wat nieuwe spellen, maar nog veel onzekerheid over wat ik wil gaan kopen. Binnenkort komt er nog een laatste kleine vooruitblik, en over 2 weken is het dan eindelijk zover.