dinsdag 2 oktober 2012
Essenvoorbeschouwing 2012: overal treinen!
Maar toch wordt dit een mooie jaargang, want voor het eerst ga ik meer dan een dag naar de beurs. Van woensdag tot zaterdag heeft een groep vrienden een apartement gehuurd in het centrum van Essen. Dat geeft dus 's avonds meteen gelegenheid om de nieuw gekochte spellen uit te proberen.
Voordat het feest begint, kan je van mij nog twee voorbeschouwingen verwachten, en een terugblik op het allerbeste spel van Spiel 2011. In deze eerste voorbeschouwing zal ik een aantal nieuwe treinenspellen de revue laten passeren. Zoals uit de rest van dit blog wel blijkt, ben ik een groot fan van dit genre, en het zal dan ook niet verbazen dat de helft van mijn verlanglijstje in dit schema past.
Winsome Essen Set
Als je het over treinenspellen en Essen hebt, dan kan je de nieuwe Essen set van Winsome Games heen. Deze kleine Amerikaanse uitgever publiceert ieder jaar een paar nieuwe treinenspellen in een gelimiteerde opgave. De belangrijkste nieuwigheid dit jaar is 1830 Cardgame, een kaartspel gebaseerd op het bekende bordspel 1830. Dat belooft wat, want dit kaartspel zou Korter duren dan het bordspel, met toch heel wat diepgang.
De Essen set wordt alleen als pakket verkocht, dus als je 1830 Cardgame wilt hebben, dan krijg je daar ook een ander treinenspel bij, en vier uitbreidingen op Winsome Essen spellen uit eerdere jaren, die je waarschijnlijk niet hebt. De enige uitzondering is een nieuwe kaart voor Age of Steam, dat oorspronkelijk ook uit de stal van Winsome komt.
Mocht je deze spellen willen kopen, dan heb je pech. Ieder jaar worden er maar 100 sets verkocht, en die waren binnen twee dagen allemaal gereserveerd. Gelukkig hebben twee van mijn vaste groep medespelers deze set bemachtigd. Die kunnen ze op donderdagochtend op komen halen, want daarna doekt de uitgever zijn kraampje op. Ik zal de twee spellen in de set dus zeker snel kunnen spelen. En als ze bevallen, dan wacht ik wel op een nieuwe uitgave, bijvoorbeeld van Queen, die al veel spellen van Winsome herdrukt hebben (denk aan Chicago Express, Samarkand, en German Railways).
Trains
Als Winsome een deckbuilding game à la Dominion uit had gegeven, dan zag het er vast zo uit als Trains, een spel dat helemaal uit Japan over komt vliegen.
Zoals in iedere deckbuilder, heb je je eigen stapeltje kaarten. Je begint met een paar treinen, een stationskaart en een paar spoorlegkaarten, en daarmee kan je betere kaarten aanschaffen uit de voorraad. Natuurlijk zijn er veel verschillende kaarten, waarvan je ieder spel een andere selectie gebruikt.
Bij het uitspelen van sommige kaarten kan je je netwerk van spoorwegen uitbreiden. Dit doe je door blokjes te leggen op het speelbord, dat een regio van Japan uitbeeldt. Dit bord is het grootste verschil met Dominion, de oer-deckbuilder.
De laatste jaren verschijnen er steedss meer Japanse spellen op Spiel, en daar zitten vaak bijzondere dingen tussen; lang niet altijd goed, maar altijd verrassend. Naar verluidt is Trains een zeer geslaagd spel. Op Spiel verwacht men den ook dat het snel uitverkocht is, want het grootste deel van de voorraad is al in de voorverkoop verkocht.
Express 01
Nog een door 18xx geïnspireerd kaartspel. Op een kaart van Duitsland, gevormd door 35 kaarten, proberen de spelers spoorwegnetwerken aan te leggen. Dat doen ze door het uitspelen van kaarten waarop spoor is afgebeeld, met af en toe een station van een van de maatschappijen in het spel.
In plaats van de kaarten te gebruiken als spoor, kan je ze ook uitspelen als aandelen. Door het bezit van de aandelen, kan je punten verdienen, als de desbetreffende maatschappij het op het bord goed doet.
Express 01 klinkt als een aardige lichte variant van een 18xx. Om de prijs (slechts 20 euro) hoef ik 'm zeker niet te laten liggen. Helaas zijn de uitbreidingen waarschijnlijk niet meer te koop: de alternatieve kaarten van de Benelux en de Verenigde Staten waren alleen bedoeld voor de voorverkoop.
18Ruhr
Natuurlijk zijn er ook enkele klassieke 18xx-en te koop. Hiervan ga ik in ieder geval de nieuwe 18Ruhr kopen; ik heb 'm al besteld. Naast de normale treinenmaatschappijen zitten er in dit spel ook mijnen en andere industriële bedrijven. Ook in deze maatschappijen kan je aandelen kopen, alleen leggen deze geen spoortegels op het bord. Spoorwegen en andere bedrijven beïnvloeden elkaars ontwikkeling.
Waarschijnlijk is 18Ruhr een middellange 18xx, wat betekent dat het langer duurt dan bijvoorbeeld 1830. De auteur neemt daarnaast nog een paar spellen mee naar de beurs, en daar hoop ik er ook nog wel een paar van te scoren. De lange winteravonden kunnen niet snel genoeg beginnen :)
Starship Merchants
Een simpelere versie van 18xx is Starship Merchants. Hierin koop je ruimteschepen aan, om vervolgens asteroïden te gaan ontginnen. De aandelenmarkt ontbreekt in dit spel: iedere speler is directeur van zijn eigen bedrijfje. De "train rush" daarentegen is wel aanwezig, en vormt de kern van het spel. De aankoop van een nieuw en beter type ruimteschip zorgt ervoor dat oudere types uit het spel verdwijnen, zodat andere spelers een probleem hebben.
De speelduur van Starship Merchants is volgens de doos echts 90 minuten, en daarmee is dit een spel dat op een reguliere spellenavond niet misstaat. Volgens mij is dit een van mijn zekerste aankopen op Spiel dit jaar.
Hoogspanning: Quebec, Baden-Württemberg, Noord-Europa, Britse Eilanden
En natuurlijk zijn er zoals ieder jaar ook weer nieuwe kaarten voor Hoogspanning. Maar liefst 4, dit keer, want een paar maanden geleden zijn Quebec en Baden-Württemberg al heruitgebracht. Oorspronkelijk komen deze uit respectievelijk de Franse uitgave van Hoogspanning en een reclameartikel van een Duitse elektriciteitverkoper.
En nu op Essen komt daar nog een kaart van Noord-Europa en een van Groot-Brittannië en Ierland bij. In deze uitbreiding zit ook een stapeltje nieuwe elektrriciteitscentrales: ieder gebied op de kaart heeft twee bijbehorende centrales. Van Hoogspanning-kaarten heb je er nooit genoeg, en ik verwacht er zoals gewoonlijk weer veel van.
vrijdag 14 september 2012
Juli/augustus 2012
Drie nieuwe spellen speelde ik. Ik zet ze even op een rijtje, met mijn favoriet als eerste:
1865 Sardinia
Zoals bekend ben ik een liefhebber van het 18xx-genre. Deze treinenspellen duren over het algemeen erg lang, dus toen er een nieuw spel op de markt kwam waarin bepaalde zaken versimpeld waren, was ik al snel geinteresseerd.
1865 speelt zich af op het eiland Sardinie (en op Corsica, als je het uitgebreide spel speelt). Zoals bij alle andere 18xx-en bestaat ook dit spel uit het aandelen kopen in spoorwegmaatschappijen, en het bouwen en uitbaten van spoorlijnen.
Het meest tijdrovende klusje in deze spellen is vaak het berekenen van de opbrengsten van de maatschappijen. Iedere maatschappij heeft een aantal treinen, en voor iedere trein moet je een route op het bord inplannen, die zoveel mogelijk grote steden aandoet. In 1865 werkt het anders. Je hoeft niet iedere ronde opnieuw te gaan rekenen. In plaats daarvan wordt bijgehouden hoeveel verkeer je maatschappij aantrekt. Iedere keer als je een nieuw station plaatst, krijg je meer verkeer. Natuurlijk moet je nog wel altijd treinen kopen om al die mensen te vervoeren, maar de berekening van de opbrengst is nu simpel het vergelijken van het potentiele verkeer met de capaciteit van je treinen.
Die fase van het spel gaat dus een stuk sneller dan in "normale" 18xx-en, maar dat betekent niet dat 1865 een kort spel is. Er zijn namelijk een aantal nieuwe elementen toegevoegd. Zo is het mogelijk om twee maatschappijen samen te voegen. Een van de maatschappijen verdwijnt dan uit het spel, en kan opnieuw opgericht worden. De andere neemt alle bezittingen over, en betaalt daarna een vergoeding aan alle aandeelhouders van het verdwijnende bedrijf. Zo kan de situatie op het bord ineens totaal anders worden.
1865 is een mooi spel, dat (anders dan veel andere treinenspellen) ook met 2 gespeeld kan worden. Reken dan wel op een spel van een uur of 6.
51st State
Dit ziet er uit als een intimiderend kaartspel. Iedere kaart is bezaaid met iconen, zonder verdere uitleg. Maar als je Race for the Galaxy onder de knie hebt gekregen, dan moet 51st State ook wel lukken.
In dit spel ben je de leider van een groep/bende/fractie in een post-apocalyptisch Amerika. Iedere kaart stelt een gebouw voor, dat je kan veroveren met "militaire-krachtfiches" (dan krijg je eenmalig de bonus die aangegeven is in de rode bovenkant van de kaart), bemachtigen door te onderhandelen met je "handelfiches" (dan krijg je iedere beurt de bonus in de blauwe onderkant van de kaart), of bouwen met "bouwfiches". Voor die laatste actie krijg je een punt, en je mag voortaan de actie doen die bij dat gebouw hoort.
Als bonussen krijg je bijvoorbeeld grondstoffen, die je weer kan omzetten in de genoemde fiches. Andere kaarten geven manschappen, die je nodig hebt om sommige kaarten te gebruiken. Weer andere kaarten geven punten, en daar draait het spel uiteindelijk om. Als een speler 30 punten bij elkaar heeft, wordt de ronde afgemaakt, en daarna iemand tot winnaar uitgeroepen.
51st State is geen onaardig spel, als je eenmaal doorhebt hoe het werkt. Het blijft een gedoe met fiches omzetten in andere fiches, maar speelt wel lekker weg. Omdat je (tegen betaling) gebruik kan maken van andermans gebouwen, zit er ook wel wat interactie in het spel, al houdt dat niet echt over. Ik wil dit nog wel een paar keer spelen.
Drum Roll
Dit spel over het beheren van een circus heb ik een paar dagen geleden uitgebreid besproken. Ik heb me met Drum Roll vermaakt, hoewel het spel hier en daar wel wat haperde.
zondag 26 augustus 2012
Drum Roll, het BSM doorgeefspel
Het spel in kwestie heet Drum Roll, ofwel "tromgeroffel". De spelers zijn ieder een directeur van een circus, en proberen drie voorstellingen op te voeren. Aan het eind van het spel wordt gekeken wie dat het beste gedaan heeft, en dat is de winnaar van het spel.
Voor iedere voorstelling zijn er vijf tot zeven voorbereidingsrondes. In iedere ronde mag je drie acties uitkiezen door het plaatsen van een van je drie actieschijven ergens op het speelbord.
De belangrijkste actie is natuurlijk het inhuren van een artiest. Naast het bord liggen altijd een aantal kaarten met daarop artiesten in 5 categorieen. Door het kiezen van de actie artiesten kan je een van deze kaarten kopen voor de afgebeelde prijs, en voor je neerleggen. Helaas moet je dan nog wel wat moeite doen om deze mensen klaar te stomen voor de voorstelling. Iedere artiest heeft bepaalde voorwaarden voor een goed optreden: bijvoorbeeld oefening, attributen of kleding. Deze worden voorgesteld door gekleurde blokjes. Op een artiestenkaart staan drie blokjes afgebeeld; hoe meer van deze blokjes je verzameld hebt, des te beter wordt de voorstelling. De blokjes krijg je ook door het inzetten van je actieschijven.
Daarnaast kan je nog acties nemen om "overig personeel" inhuren: bijvoorbeeld assistenten, die blokjes om kunnen zetten in andere kleuren blokjes, of popcornverkopers, die extra geld opleveren bij iedere voorstelling.
De laatste mogelijke acties waaruit je kan kiezen zijn de voorverkoop van kaartjes (dit levert uiteraard geld op), en het kopen van actiekaarten, die je op ieder moment kan inzetten voor extra voordelen. Actiekaarten trek je van een blinde stapel, dus deze actie is altijd een gok.
Na vijf tot zeven voorbereidingsronden (de spelers hebben zelf invloed op het aantal ronden, want na de 5e en 6e ronde wordt gestemd of er nog een ronde gespeeld wordt) wordt er een voorstelling gehouden. Hierbij leveren alle artiesten een bonus op, zoals extra blokjes, geld, of andere voordelen. De grootte van de bonus is afhankelijk van de kwaliteit van de voorstelling. Een acrobaat kan bijvoorbeeld 3 geld opleveren bij een zwakke voorstelling (slechts 1 blokje ingezet), 4 geld bij een goede (2 blokjes), of 5 geld bij een uitstekende voorstelling (3 blokjes ingezet tijdens de voorbereidingsfase). Heb je helemaal geen blokjes toegekend aan een artiest, dan moet je hem helaas ontslaan.
Als een artiest tijdens een voorstelling een perfect optreden laat zien (3 sterren, dus), dan mag je in plaats van de bijbehorende bonus te nemen, ook de kaart omdraaien. Dat levert punten op. Dit is de voornaamste manier om punten te scoren. Vaak zal je zo lang mogelijk willen wachten met het omdraaien van een artiest, om zo lang mogelijk gebruik te kunnen maken van de bonus die bij een optreden hoort. Ter compensatie vraagt een omgedraaide artiest wel een stuk minder salaris.
Aan het eind van het spel, na de derde voorstelling zijn er dan ook nog veel punten te verdienen met bijvoorbeeld een perfecte voorstelling (alle artiesten 3 sterren), en een gevarieerde voorstelling (alle 5 de soorten artiesten). Ook sommige actiekaarten leveren aan het einde punten op.
Drum Roll is een prachtig vormgegeven spel, met een origineel thema. Maar het komt eigenlijk op hetzelfde neer als vele andere spellen: blokjes verzamelen, omzetten in andere blokjes, en die weer omzetten in punten. Vergeleken met andere werkverschaffingsspellen als Caylus, Agricola en Le Havre is er in Drum Roll veel minder variatie in mogelijke acties. Iedere ronde doe je daarom bijna hetzelfde. Het verrassende in dit spel zit in hoe je de punten verdient. Het spel draait om de beslissing wanneer je artiesten om te zetten in punten.
Een probleem dat ik tijdens het spelen ervaren heb, is dat je erg geneigd bent om conservatief te spelen: alleen artiesten inhuren waarvan je zeker bent dat ze op het eind punten inleveren. Aan het eind van het spel kom je dan in moeilijkheden: als je dan nog een artiest inhuurt, en je krijgt hem niet vol met blokjes, dan levert hij geen punten op, maar je raakt wel een mogelijke bonus kwijt. Het spel bloedde daarom de laatste 2, 3 ronden een beetje dood in die paar keren dat ik het speelde.
Ik vond het leuk om Drum Roll gespeeld te hebben, want er zitten enkele verrassende spelmechanismen in. Maar ik denk niet dat ik het snel aan zal schaffen; drie keer spelen is wat mij betreft voldoende geweest.
vrijdag 13 juli 2012
Juni 2012
Tien spellen speelde ik voor het eerst. Daaronder zaten een aantal klassiekers, maar ook enkele gloednieuwe spellen. De oudjes bevielen mij daarbij het beste.
Genoa
Naar aanleiding van de Spellengek Top 100 zette Peter Hein een paar klassieke spellen op tafel zetten. Genoa was nieuw voor mij, en ik wist er eigenlijk niet veel vanaf. Het bleek een briljant onderhandelingsspel te zijn.
Genoa speelt zich af op een bord, waarop een stadje is afgebeeld. In de verschillende gebouwen zijn opdrachtkaartjes te verdienen en warengoederen te halen, en uiteindelijk ook opdrachten te vervullen. Iedere beurt worden 5 naast elkaar liggende locaties aangedaan.
De speler die aan de beurt is, bepaalt welke route gekozen wordt. Daarbij wordt hij geholpen door de andere spelers, die geld mogen bieden om de gekozen route te beïnvloeden. Iedere speler mag maximaal 1 actie per beurt uitvoeren; hiervoor moet hij de actieve speler dan wel een vergoeding betalen. Op die manier probeer je zoveel mogelijk geld te verzamelen.
Genoa is een fantastisch spel. Door de onderhandelingen ben je continu bezig en zit er veel interactie in het spel, zonder dat het gemeen wordt. De speelduur kan daarbij wel fors toenemen, maar dat is wat mij betreft geen probleem bij zo'n goed spel.
Giro Galoppo ♻
Dit lijkt een kinderspel, maar het blijkt ook zeer geschikt te zijn voor oudere spelers.
Giro Galoppo doet denken aan Ave Caesar: het is net zo'n gemeen racespelletje, waarin het niet alleen de bedoeling is om zelf zo snel mogelijk de finish te bereiken, maar ook (en vooral) om de andere spelers dwars te zitten. Het duurt alleen wel een stuk korter; ideaal dus als tussendoortje.
1853
Deze 18xx speelt zich af in India. Het basisprincipe van 1853 is gelijk aan die van andere spellen in het genre: aandelen kopen in spoorwegmaatschappijen, die vervolgens een netwerk van spoorlijnen aanleggen. In dit spel ligt de nadruk vooral op dat bouwen van spoorwegen; de aandelenmarkt speelt een ondergeschikte rol, vergeleken met spellen als 1830 en 1856.
Iedere 18xx heeft zo zijn eigenaardigheden. Ook 1853 heeft een paar wijzigingen aangebracht in het spelsysteem. Zo moet je aan het begin van het spel in het geheim een aantal steden opschrijven. Als je met een maatschappij deze steden met elkaar verbonden hebt, krijg je een bonus. Verder kent het spel twee verschillende soorten sporen: normaalspoor en smalspoor. Hierdoor wordt het sommige maatschappijen moeilijker gemaakt om met elkaar samen te werken.
1853 is wederom een geslaagde 18xx. Wel duurt het erg lang, en het is daardoor vooral geschikt voor liefhebbers van het genre, die bovendien aardigheid moeten hebben in het aanleggen van rails (in plaats van het sjacheren op de beurs). Wie een vergelijkbaar spel met een kortere speelduur zoekt, zou 1825 eens moeten proberen.
Die sieben Siegel
De nieuwe naam van dit kaartspel, Wizard Extreme, dekt de lading uitstekend. Wie Wizard, Rage, Oh Hell of boerenbridge al eens gespeeld heeft, die kent driekwart van de regels van Die sieben Siegel al. De belangrijkste nieuwigheid is dat je niet alleen moet aangeven hoeveel slagen je moet halen, maar ook welke kleur slagen dat zijn.
Die sieben Siegel is een stuk lastiger dan bijvoorbeeld Wizard. Dat laatste spel bevalt me daarom beter, maar ik zal een spelletje Sieben Siegel niet snel afslaan.
Kohle, Kies & Knete
Dit is nou een echt gemeen onderhandelingsspel. Zes rijke lieden proberen een aantal deals te sluiten. Voor ieder van die deals is een bepaalde combinatie van die rijkaards nodig. Iedere speler heeft een of meer kaarten met die personen erop. Als je aan de beurt bent, dan krijg je geld als je de goede combinatie in handen hebt. Hiervoor zal je vaak moeten samenwerken met een of meer andere spelers, die een deel van het geld kunnen opeisen.
De onderhandelingen kunnen worden onderbroken door het spelen van actiekaarten. Deze kaarten kunnen ervoor zorgen dat er mensen op vakantie gaan, en dus niet mee kunnen doen met de deal. Je kan ook kaarten spelen waarmee je zelf de baas wordt in de onderhandelingen, om zo extra geld binnen te halen.
Door deze kaarten is Kohle, Kies & Knete een chaotisch spel. Op ieder moment kan de situatie volledig veranderen. Wie daar tegen kan, zal aan dit spel best plezier kunnen beleven; voor mij gold dit in ieder geval wel.
Aquädukt
In dit abstracte spel probeer je zoveel mogelijk huisjes op het bord te krijgen, en die allemaal te voorzien van water. Iedere beurt mag je kiezen wat je op het bord zet: huisjes, waterbronnen, of kanalen. Alleen huizen die aan een kanaal grenzen tellen aan het eind van het spel mee; de andere huizen kunnen tijdens het spel al van het bord verdwijnen.
In principe is dit spel te spelen met 2 tot 4 personen, maar met 3 of 4 spelers wordt het al gauw chaotisch. Met twee personen vind ik het misschien geen topper, maar toch goed te spelen.
Pünct
Met Pünct heb ik nu alle spellen van het Gipf-project gespeeld. Zoals de andere spellen in deze reeks is ook Pünct een abstract twee-persoonsspel. Met speelstukken in een aantal vormen probeer je twee tegenoverliggende zijden van het zeshoekige speelveld met elkaar te verbinden. Als je aan de beurt bent, mag je een nieuw speelstuk op het bord zetten, of een reeds geplaatst stuk verplaatsen en/of draaien. Als je een speelstuk verplaatst, dan mag je het ook op andere speelstukken leggen, waardoor je een verbinding van de tegenstander kan verbreken.
Pünct is een goed spel, maar vergeleken met de andere Gipf-spellen valt het mij een beetje tegen. Het is een stuk minder elegant dan de andere spellen, en lijkt minder ruimte te bieden voor interessante strategieën. Ik zou zelf liever Zertz of Yinsh uit de kast trekken.
Schnack nich... Dat geit!!!
Een obscuur klimspel, dat duidelijke overeenkomsten vertoont met The Climbers. Om de beurt trekken de spelers een houten blok uit de zak en zetten deze ergens op de toren, of verplaatsen hun pionnen. Iedere speler heeft twee pionnen, waarvan een zo hoog mogelijk moet komen, en de ander zo ver mogelijk uit het midden van de toren.
Hoewel ik altijd wel te vinden ben voor een behendigheidsspel, vond ik Schnack nich... Dat geit!!! ("Schrik niet, het lukt") niet helemaal geslaagd. Het was net iets te moeilijk om de blokken ver genoeg uit te laten steken om veel punten te scoren. De regels en het materiaal van The Climbers zijn naar mijn mening stukken beter.
Maffioso
Aan het eind van de avond heb je soms een spel nodig waar niet veel strategie in zit, zodat je er niet al te veel over hoeft na te denken. Zo'n spel is Maffioso. Er zitten een aantal gangsters van een paar verschillende families aan tafel, die proberen een buit te verdelen. Zolang een gangster aan tafel zit, krijgt hij iedere beurt geld, en het is dus zaak om de anderen zo snel mogelijk uit te schakelen.
Voor een keer is dit best aardig.
Bloqs
Een nieuw spel van een nieuwe uitgever, waarin het de bedoeling is dat je tetris-blokken verzamelt om daarmee een kubus in elkaar te zetten. Helaas worden je acties sterk beperkt door de dobbelsteen. Daardoor heb je te weinig invloed op het spel. Dit lijkt me vooral geschikt om met (kleine) kinderen te spelen.
maandag 25 juni 2012
Mei 2012
Hieronder staan de spellen die ik in mei voor het eerst speelde, op volgorde van hoe ze me bevielen: dus met de beste spellen bovenaan, en de Knizia's aan het einde.
Europa Tour ♻
Wie Racko kent, die kan Europa Tour (ook bekend als "10 Days in Europe") ook spelen. Het basisprincipe is hetzelfde: je hebt een standaard met 10 kaarten. Iedere beurt mag je 1 kaart trekken (van de dichte trekstapel, of van een van de aflegstapels), en die mag je dan verwisselen met een van de kaarten op je standaard. Zodra je kaarten op volgorde staan, laat je je kaarten aan de andere spelers zien, en heb je gewonnen.
Op de meeste kaarten in Europa Tour staat een land afgebeeld. Met die landen probeer je een geldige reis van 10 kaarten te maken. Daarbij moet iedere kaart op je standaard aan de vorige kaart grenzen. Je kan ook vliegtuigkaarten gebruiken, om tussen twee landen met dezelfde kleur te vliegen, of bootkaarten om gebruik te maken van een aantal zeeroutes.
Het spelmateriaal in Europa Tour ziet er goed uit; zowel de kaarten van dik karton als de meegeleverde landkaart. Het spelverloop is simpel, maar erg aardig. Ik ben erg tevreden met deze aankoop.
Top Race
Eigenlijk heb ik dit spel al in april gespeeld, maar vorige keer ben ik 'm vergeten op de lijst te zetten.
In drie races proberen de spelers zoveel mogelijk geld te verdienen met de autosport. Aan het begin van iedere race krijgen ze een hand vol kaarten. Op iedere kaart staan een aantal auto's afgebeeld, met daarbij het aantal vakjes dat deze auto's vooruit gezet moeten worden. Daarna worden de auto's geveild; iedere speler moet tenminste een auto kiezen, op basis van de kaarten die ze gekregen hebben.
Tijdens een race speel je om de beurt een kaart uit, en zet je vervolgens alle afgebeelde auto's vooruit; tenminste, als ze niet geblokkeerd zijn door andere auto's. Je moet dus proberen je kaarten zo uit te spelen dat je eigen auto's het meest profiteren. Aan het eind van de race worden geldprijzen verdeeld op volgorde van binnenkomst over de finish. Daarnaast wordt de race op drie momenten onderbroken zodat iedere speler in het geheim kan voorspellen welke auto gaat winnen; hier is ook geld mee te verdienen.
Top Race is een spannend spel. Omdat op iedere kaart meerdere auto's afgebeeld staan, ben je verplicht om anderen te helpen, maar zelf heb je ook voordeel van de kaarten van je tegenspelers. En omdat je kan gokken op de winst van een auto van een ander, is het soms helemaal niet erg als die and het eerst over de finish komt. Helaas duurt het spel eigenlijk net iets te lang om de hele tijd te kunnen boeien, dus is het niet iets om iedere week te spelen.
Cash-a-Catch! ♻
In dit spel zijn de spelers om de beurt de veilingmeesters, die proberen zoveel mogelijk vis te verkopen. De veilingen zijn van een type dat ik nog niet eerder gezien heb: de prijs staat van tevoren vast, die is namelijk altijd 10 euro, maar de hoeveelheid vis varieert. De veilingmeester trekt namelijk steeds kaarten van de stapel, en de andere spelers kunnen op de bel slaan als ze de aangeboden kaarten de prijs waard vinden. De winnaar van de veiling betaalt de prijs aan de bank, en de veilingmeester krijgt voor de moeite 1 euro per verkochte kaart.
Er zijn 5 soorten vis in het spel, maar iedere speler heeft slechts 3 bakken, en in iedere bak kan maar een soort vis. Je moet dus niet te lang wachten met kopen, want dan blijf je met vis zitten die je niet kwijt kan, en die gaat in de afvalbak en is strafpunten waard. De overige vis kan je in je eigen beurt verkopen. Leuk detail: als je vis verkoopt, dan moeten alle andere spelers een kaart van diezelfde soort in de afvalbak stoppen.
Cash-a-Catch is een leuke variant op het veilingspel. Het managen van de soorten vis die je wil verkopen doet denken aan Boonanza, maar dat spel is door het onderhandelen net even wat leuker. Niettemin is Cash-a-Catch ook zeker de moeite waard.
Lucky Numbers
Nog een Racko-variant! Dit keer zijn het gewoon getallen die op een volgorde geplaatst moeten worden. Het bijzondere hier is dat iedere speler een vierkant bord heeft van 16 vakjes. Ieder tegeltje dat je op het bord legt, moet zowel horizontaal als verticaal in een oplopende rij liggen; wie het eerst 16 tegeltjes goed heeft liggen, die wint het spel.Lucky Numbers heeft ook wel wat weg van Finito, en speelt net zo lekker weg. Lichte kost, maar wel een leuk tussendoortje.
Crazy Derby
Er zijn niet veel kaartspellen die eenvoudiger zijn dan Crazy Derby. Om de beurt speelt iedereen een kaart met een dier erop. Ieder dier heeft een nummer, en als er zoveel kaarten liggen met dat dier erop, krijgen de spelers punten voor die kaarten. Alle andere uitgespeelde kaarten worden afgelegd, en tellen dus niet mee.
Makkelijk uit te leggen, makkelijk te spelen, en toch erg leuk. De aanwezigheid van een paar pestkaarten verhoogt de speelvreugde nog wat meer.
Casa Grande
Dit is een mooi 3-dimensionaal bouwspel. Je moet torens op het bord zetten, en daarna mag je op je eigen torens een plateau neerleggen. Daar krijg je dan punten voor. Later kan je dan weer torens bouwen op die lateaus, en zo ontstaat een bouwwerk van meerdere verdiepingen. Hoe oger je je plateaus neerlegt, des te meer punten ontvang je.
Omdat alle spelers met hetzelfde bouwwerk bezig zijn, kunnen ze elkaar goed dwarszitten. Het gebeurt echter ook dat je een andere speler punten moet geven. Dat gebeurt als je een van je torens neerzet op het plateau van iemand anders.
Casa Grande ziet er niet alleen mooi uit, het is ook een goed spel. Alleen geschikt voor mensen met ruimtelijk inzicht.
Mundus Novus
In dit kaartspel over de oost krijg je aan het begin van iedere ronde een aantal kaarten, die je aan het eind van de ronde dan weer in kan leveren: een setje verschillende kaarten voor overwinningspunten, of een setje identieke kaarten voor bonussen zoals extra kaarten aan het begin van de ronde. Daar tussenin ruil je kaarten met de andere spelers, via een interessant systeem. Elke speler legt een paar kaarten op tafel, en daarna mag de startspeler een kaart bij een ander wegpakken. Die speler mag daarna een kaart pakken, maar niet van degene die wat bij hem gepakt heeft.
Mundus Novus is eigenlijk een heel simpel kaartspelletje, waarbij toch een redelijke hoeveelheid taktiek voor nodig is. Ik vond het leuk om te spelen.
Farmerama
Naar het schijnt is Farmerama een internetspelletje, waarin je een boerderij moet zien op te bouwen. Iets als Farmville dus. De bordspelversie is een maaksel van Uwe Rosenberg, de bedenker van Agricola. Blijkbaar moet je bij hem wezen als je een agrarisch spel wilt uitgeven.
Op je boerderij zijn een aantal veldjes afgebeeld waar je groentes kan inzaaien en dieren kan laten opgroeien. In het midden van je speelbord is een wiel gemonteerd, dat aangeeft op welke veldjes je op dit moment welke groenten en dieren kan plaatsen. Door water in te leveren kan je dit wiel laten draaien, waardoor ingezaaide veldjes op een gegeven moment geoogst kunnen worden.
Alle spelers kiezen steeds tegelijk een actie die ze uit willen voeren. Er is hierbij een beperkte keuze: je kan zaaien, oogsten, dieren fokken, of water inzamelen. Ben je de enige speler die een bepaalde actie kiest, dan mag je deze vaker herhalen dan als er spelers zijn die hetzelfde willen doen. Maar in dat laatste geval krijgt een van de spelers wel een bonusfiche, met een extra voordeeltje. Op die manier zit er toch nog enige interactie in het spel.
Farmerama is niet te vergelijken met spellen als Agricola. Het is een stuk minder complex, en zal sneller gaan vervelen. Maar voor een paar keer spelen is het best een leuk tijdverdrijf, zeker met wat jongere medespelers.
Go West!
Jaren geleden heb ik deze doos al een keer gekocht, voornamelijk omdat hij stevig afgeprijsd was. De recensies waren vrij negatief, dus was ik nooit in de stemming om 'm op tafel te zetten, maar afgelopen maand is het er toch van gekomen. En ik moet zeggen, het viel me mee.
Het thema van het spel is de landverhuizing naar het westen van Amerika. Om de beurt kunnen spelers een kaart uitspelen, om alle acties op die kaart uit te voeren. Op de meeste kaarten staan twee acties: je kan een bepaald aantal huifkarren naar het westen verplaatsen, of je kan een aantal muntjes plaatsen op een van de scoresporen in de verschillende gebieden op het bord. Het spelen van een kaart kost geld; hoe beter de kaart is, des te hoger de prijs. Muntjes kan je verdienen door kaarten af te leggen zonder dat je de bijbehorende acties uitvoert: dan krijg je de prijs van de kaart terug van de bank.
In plaats van het spelen of afleggen van een kaart kan een speler er ook voor kiezen om een puntentelling te houden. In ieder gebied wordt dan gekeken hoeveel huifkarren er zijn, en dat aantal punten wordt verdeeld over de spelers met muntjes op het desbetreffende scorespoor.
Go West is een heel ardig taktisch spelletje, waarbij het de kunst is om de tellingen op een zo gunstig mogelijk moment te laten plaatsvinden. Dat is nog best lastig, want het uitvoeren van een telling wordt steeds duurder. Ik kan me goed voorstellen dat het spel met meer dan twee spelers behoorlijk chaotisch wordt, maar met twee is het goed te spelen.
Indigo
Naast suffe spreadsheet-spellen (waarover later meer) maakt Reiner Knizia tegenwoordig vooral varianten van bestaande spellen. Wie Metro of Tsuro kent, zal Indigo bekend voorkomen. Om de beurt leggen de spelers tegeltjes op het bord, om zo hun eigen posities aan de rand van het bord te verbinden met een aantal locaties op het bord waarop edelstenen liggen. Zodra zo'n verbinding tot stand is gekomen, ontvangt die speler de edelsteen, due punten waard is.
Indigo voegt niets toe aan de bestaande verzameling spellen, en als je de eerder genoemde spellen al kent, hoef je Indigo niet te proberen.
Transport ♻
Het speelbord bestaat in dit spel uit een aantal losse tegeltjes, waarop een systeem van lopende banden is afgebeeld. Als je aan de beurt bent, voeg je altijd eerst een tegeltje toe. Op sommige tegeltjes staat een icoontje; na het leggen van een dergelijke tegel voer je de bijbehorende actie uit: bijvoorbeeld het produceren van een pakketje op een afgebeelde machine. Aan het eind van je beurt moet je een pakketje uitkiezen, en het een aantal vakjes over de lopende band laten bewegen. Het liefst in de richting van je eigen pallet, want daar krijg je punten voor.
Het spelmateriaal ziet er leuk uit; het spel zelf valt tegen. Je bent sterk afhankelijk van de tegel die je trekt, want tegels met actie-iconen zijn veel beter dan die zonder. En sommige van die acties zijn dan weer zo sterk, dat de winnaar hoofdzakelijk bepaald wordt door het trekken van die tegels.
Beowulf: The Movie Game
Het heldenepos Beowulf is een van de hoogtepunten van de Engelse literatuur. In dit verhaal uit het eerste millennium verslaat de Germaanse held Beowulf drie formidabele tegenstanders: het monster Grendel, dat de zaal van koning Hrothgar terroriseert; de moeder van Grendel die onder een meer woont; en tenslotte een draak, die zoals dat hoort een grote schat bewaakt.
Het spel Beowulf van Reiner Knizia heeft met dit prachtige epos gemeen dat het in drie ronden gespeeld wordt. In iedere ronde is er een min-of-meer vierkant speelbord, waarop iedere speler tegeltjes kan leggen met positieve en negatieve getallen. In plaats daarvan kunnen ze ook een speelfiguur op het bord zetten. Aan het eind van een ronde ontvangt iedere figuur de som van alle tegeltjes in dezelfde rij en kolom.
Een heel gemiddeld spreadsheet-achtig spel van het soort waar Knizia tegenwoordig er zoveel van maakt. En dat terwijl er zoveel meer te maken is van dit thema. Bah.
The Impossible Machine
Het idee achter The Impossible Machine is erg aardig: de spelers proberen samen een ingewikkelde machine te bouwen. De uitwerking is maar matig. Het spelen komt neer op het aanleggen van kaarten uit de hand aan een rij die al op tafel ligt, en daarvoor moet je maar net de juiste kaarten in handen hebben. Veel strategie zit er niet in dit spel.
Flotte Flitzer ♻
Het formaat van de verpakking doet vermoeden dat dit een zuiver kaartspel is, maar er blijkt toch een speelbord in te zitten, al is dat wel net iets te klein om comfortabel te kunnen spelen. Op het bord is een racebaan afgebeeld, en daar moeten 12 racewagens een rondje op rijden. Iedere speler heeft twee auto's in bezit, en doen er minder dan 6 spelers mee, dan zijn er ook neutrale wagens in koers.
Door het spelen van kaarten kan je de auto's voort laten bewegen. Op veel van de kaarten staat een bepaalde kleur auto afgebeeld, en dan ben je verplicht een van die auto's te verzetten. Wat dat betreft lijkt het spel een beetje op het eerder genoemde Top Race. Helaas werkt dit systeem in Fotte Flitzer minder goed. Je blijft te vaak met kaarten zitten die je niet kan of wil spelen, en ik heb het gevoel eraan overgehouden dat ik nauwelijks invloed heb gehad op het lot van mijn eigen auto's.
Alweer een misser van Knizia dus.
vrijdag 1 juni 2012
Steam over Holland (spelverslag 2012-05-29)
Als eerste werden vier privé-maatschappijen geveild. Ik was de "winnaar" van deze veilingen: zowel het Koninklijk Korps van Ingenieurs (eenmalig een gratis brug bouwen) als Werkspoor (korting op treinen) waren voor mij. Coen kocht de Veerdienst Vlissingen-Londen, en Anton betaalde de hoofdprijs voor de Koninklijke Ondersteuning. Dat was terecht, want daar kreeg hij een gratis aandeel NRS bij; een privilege dat minstens 65 gulden waard is.
Thomas had als enige geen privé-maatschappij gekocht, en mocht daardoor als eerste een spoorwegmaatschappij opstarten. Hij koos voor de NRS (startplaats: Amsterdam-Zuid), en koos voor een initiële aandelenkoers van 70; dit tot ergernis van Anton, die graag had gezien dat zijn aandeel meer waard was geweest. Coen startte de AR (te Breda) op, ik kocht aandelen in de OSM (Zwolle), en Anton besloot te investeren in de NCS (Utrecht). Thomas had als enige nog voldoende in kas om een tweede maatschappij op te starten, en vanwege de mogelijkheden tot samenwerking met de NRS koos hij voor de HIJSM (Amsterdam-Noord).
In de eerste bedrijvenronde kochten verschillende maatschappijen twee 2-treinen (waarmee op een route tussen twee grote steden gereden kan worden), waardoor zowel de AR als de OSM een 3-trein konden aanschaffen. De OSM deed dat zelfs met korting, want ik had Werkspoor al meteen aan mijn maatschappij overgedaan tegen de maximale prijs. Helaas had mijn maatschappij niet zo'n goede route: hij reed slechts op en neer tussen Zwolle en de Duitse grens, en daarvoor was een 2-trein al voldoende geweest. De maatschappijen in de Randstad hadden het beter bekeken. Ze konden profiteren van elkaars spoor, waardoor ze op meerdere routes konden rijden.
Coen: "Zelf had ik een maatschappij met een mooie Franse naam. Ik speelde alleen met de Franse slag. Het ging meteen al fout door een verkeerde openingskoers te kiezen. Aandelen uitgeven is leuk maar dat moet wel geld in het laatje van het bedrijf opleveren. Rivieren oversteken, veerdienst opkopen en als laatste in de rij voor de treintjes dus direct een onhandige drietrein in plaats van twee treintjes."
Vooral AR en de NCS bouwden in het westen een aantal stations, waardoor de HIJSM en de NRS (inmiddels in handen van Anton) geblokkeerd dreigden te raken. Daarom bouwden deze maatschappijen sporen richting het oosten. Daar was ik niet ongelukkig mee, want de OSM hoefde nu niet meer in zijn eentje een netwerk op te bouwen. Vooral de verbinding "om de zuid" naar Utrecht kwam mij goed uit. Ik liet zo snel mogelijk de OSM een station bouwen in Utrecht, en daarna ook in Breda. Zo ontstond een mooie route met lengte 5, die niet meer door andere maatschappijen te blokkeren was: Vlissingen - Breda - Utrecht - Zwolle - Salzbergen.
Om deze route te berijden had ik ook een goede trein nodig. Daarom gaf de OSM een aantal aandelen uit. De aandelenkoers daalde hierdoor, maar de maatschappij kon daardoor wel de eerste 5-trein kopen. Als bonus roestten daardoor de 3-treinen. De tegenstanders hadden dit niet zien aankomen, en hadden niet in mijn maatschappij geïnvesteerd. Hun maatschappijen moesten enkele ronden hun winsten in kas houden om een nieuwe trein tekopen, en daardoor liep ik in deze fase van het spel op de anderen uit.
Coen: "Anton was in de laatste fase doodsbang dat ik een station zou bouwen op Rotterdam. Nee hoor dat kon ik nooit betalen. Tot overmaat van ramp zette hij er een station neer. Weg lange route. Wat overbleef was evenwel best aardig. Van Londen via Vlissingen, Breda, Tilburg, Eindhoven naar Maastricht en Luik.
Eugene was inmiddels heel rijk geworden en zat zelfs te bedenken een tweede bedrijf op te starten en een blokkendoos te kopen. Een rekensommetje leert al snel dat je met een dergelijke trein nooit meer dan 300 gulden kunt rijden. (Amsterdam en twee grote plaatsen maal twee=140 of Londen Antwerpen via Breda is dan wel 300). Hij deede het niet en won zo op zijn sloffen."
| De eindsituatie |
De eindstand: Eugène 2874, Anton 2104, Thomas 1783, Coen 1435.
Vergeleken met eerdere keren dat ik dit spel gespeeld heb, waren er dit keer maar weinig bedrijven opgestart. Twee bedrijven bleven ongebruikt in de voorraad liggen, en de meeste spelers hadden slechts een bedrijf in bezit. Dit kwam omdat er vrij aggressief stations gebouwd werden in de Randstad, waardoor een nieuw bedrijf nauwelijks toegang had kunnen krijgen tot het lucratieve gebied.
Van tevoren had ik me voorgenomen om te proberen veel privé-maatschappijen te kopen, en om eens met een minder gebruikte maatschappij te beginnen. De Overijsselsche Spoorwegmaatschappij komt meestal pas laat in het spel, maar klaarblijkelijk is het ook geen onverdienstelijke startmaatschappij. Daar had ik wel de hulp van de andere spelers bij nodig. Of ik die een volgende keer weer zou krijgen, valt te bezien.
Steam over Holland mag dan een eenvoudige 18xx zijn, het was zeker de moeite waard om het te spelen. Daarbij is het prima in een avond te spelen: het spel was in ruim 3 uur gespeeld. Voor herhaling vatbaar.
dinsdag 8 mei 2012
April 2012
Veel van deze spellen kwamen in april voor het eerst bij mij op tafel. Helaas zal dat voor een groot deel ook de laatste keer zijn, want het niveau viel me over het algemeen wat tegen. Gelukkig geldt dat niet voor alle nieuwe spellen. Hier zijn ze, met het beste nieuwe spel natuurlijk weer bovenaan.
Rolling Stock
Dit kaartspel is geïnspireerd op de 18xx-spellen, waar ik een groot liefhebber van ben. En ook Rolling Stock belooft veel diepgang te hebben. Ik zeg, "belooft", want in de twee keer dat ik dit spel tot nu toe speelde, heb ik het nog niet erg doorgrond. Rolling Stock zit vol beslissingen die onbelangrijk lijken, maar die een grote invloed hebben op het verloop van het spel, en een klein foutje in de eerste ronden kan ertoe leiden dat je er voor de rest van het spel uitligt.
De spoorwegmaatschappijen in Rolling Stock leveren allemaal een vast inkomen per ronde op. Geen gehannes dus met het aanleggen van rails, zoals in een echte 18xx. Je kan de maatschappijen in privé-eigendom houden, of je kan ermee naar de beurs gaan. Als je dat doet, dan wordt je directeur van een holding, die vervolgens aandelen uit kan geven, andere maatschappijen kan opkopen, en dividenden kan uitkeren. Dit alles heeft natuurlijk een effect op de aandelenkoers van je holding.
Rolling Stock is een lang, weinig vergevingsgezind spel, dat niet iedereen zal kunnen waarderen. Of het een goed spel is, daar ben ik nog niet uit, maar het is zeker een spel dat mij intrigeert. Hopelijk kan ik hier nog een paar keer een aantal spelers voor interesseren.
ZÈRTZ
Een abstract spel in de Gipf-reeks, en een die zich met de beste kan meten. Op een steeds kleiner wordend speelveld moet je proberen een bepaald aantal kogels te slaan, en tegelijkertijd natuurlijk voorkomen dat de tegenstander dat doel bereikt.
Het slaan van kogels is verplicht, en hier kan je gebruik van maken om je tegenstander te dwingen de kogels op een voor jouw gunstige manier neer te leggen. Zertz is een spel met diepgang, zoals we dat gewend zijn van de maker van Yinsh en Tzaar.
Löwenherz
Wanneer het spel begint, staan er een aantal torens op een groot rechthoekig speelbord. Door het neerzetten van muren moet je nu een zo groot mogelijk domein zien te vormen rond je eigen torens. Vergeet daarbij niet om ridders bij je toren te zetten, want als je dat vergeet, dan kunnen andere spelers bij je binnenvallen, en gebied afpakken.
Löwenherz is een zeer geslaagd spel, dat ik graag nog een keer zou doen. Onlangs heb ik de Nederlandse, iets vereenvoudigde versie bij de kringloop gekocht; ik denk dat die binnenkort nog wel eens op tafel komt.
De bruggen van ShangriLa
Deze doos stond al jaren bij mij op de plank, en ik ben blij dat ik hem er eindelijk eens afgehaald heb.
De bedoeling van het spel is om aan het eind zoveel mogelijk wijsgeren in de dorpen op het speelbord te hebben. De beste manier om dat voor elkaar te krijgen is door het plaatsen van gezellen in dorpen waar je al een wijsgeer hebt. Daarna kan je met alle gezellen van een dorp (dus ook die van de tegenstanders) naar een aangrenzend dorp verhuizen. Daarbij wordt wel de verbinding tussen de dorpen verbroken.
Bij het verhuizen van de gezellen kun je de andere spelers mooi dwars zitten. Niet alleen kan je met je eigen gezellen de wijsgeer van een ander verjagen; ook kan je ervoor zorgen dat de gezellen van de ander terecht komen in een dorp waar ze eigenlijk niets te zoeken hebben.
De bruggen van ShangriLa is een bijzonder aardig abstract spel, dat niet te lang duurt, maar toch voldoende inhoud heeft.
Zooloretto dobbelspel
Boonanza dobbelspel
Deze twee dobbelspellen zijn eerder al uitvoerig besproken.
Carcassonne: Overzee
Een niet onaardige variant op het klassieke bordspel. Het spel doet vertrouwd aan, maar de regels zijn toch net even wat anders, waardoor je niet kan terugvallen op de bekende taktieken van Carcassonne. Zo heb je in deze variant minder poppetjes, maar je kan ook niet-afgebouwde gebieden scoren.
Als Carcassonne niet bestond, dan was dit een subtopper. Maar helaas, Carcassonne bestaat wel, en heeft mijn voorkeur, al was het maar omdat ik dat spel al zo lang ken.
Drahtseilakt
In dit slagenspel haal je punten door de hoogste kaart in een slag te spelen, en daarnaast ook punten door de laagste kaart te spelen. Aan het eind van de ronde worden deze punten van elkaar afgetrokken, en het verschil is het aantal punten dat je uiteindelijk scoort. Het is dus zaak de hoge en de lage kaarten in balans te houden.
Drahtseilakt (letterlijk: koorddansact) is een geslaagd spel, dat met simpele regels toch garant staat voor een hoop spelplezier.
Glen More
Een standaard euro-spel, dat kan je Glen More wel noemen. Je verzamelt tegels, die je in een rechthoekig raster voor je neer legt. Bij iedere tegel hoort een speciale actie, die geactiveerd wordt als je de tegel neerlegt of als je een tegel neerlegt op een aangrenzende positie.
De acties die op de tegels staan variëren van het produceren van goederen tot het omzetten van een van die goederen in andere goederen of in punten. Eigenlijk niets wat we niet eerder gezien hebben. Glen More is niet vervelend om te doen, maar het is weinig vernieuwend, en je mist er weinig aan.
Friesematenten
Waarschijnlik is twee spelers niet het juiste aantal voor dit kaartspel. Toen wij dit speelden, waren er net te vaak ronden waarin eigenlijk niets gebeurde. Iedere ronde worden een aantal kaarten opengedraaid en geveild; de kaarten kunnen geld of punten geven, maar er zitten ook actiekaarten tussen waarmee je bijvoorbeeld kaarten van de tegenstander kan afpakken. Sommige actiekaarten zijn daarbij wel heel sterk, en lijken niet er gebalanceerd.
Ik zou dit spel nog een keer met meer spelers willen spelen, maar heb daar ook weer niet echt haast mee.
TAMSK
Het lelijke broertje van de Gipf-familie. De regels zijn nog simpeler dan die van de andere spellen: iedere beurt mag je een speelstuk één stapje verplaatsen. Ieder veld op het bord mag gedurende het spel maar een beperkt aantal keren aangedaan worden. Wie het eerst niet meer kan zetten, verliest het spel.
Wat dit spel interessant maakt, zijn de speelstukken: dit zijn namelijk zandlopers. Iedere keer als je een zet doet, moet je die zandloper omdraaien, en als het zand op is, mag je dat speelstuk niet meer verzetten. Een leuk idee, maar in ons spel was er van de tijdsdruk te weinig te merken. Ik ben toch blij dit een keer gespeeld te hebben.
Flowerpower
Weer een abstract spelletje voor 2. De speelstukken doen wat aan domino-stenen denken, maar dan met fleurige bloemetjes. Het spel is simpel, en best aardig voor een keertje. Maar Flowerpower is geen spel om meer dan een paar keer te doen.
Star Trek: Expeditions
In deze coöperatieve Knizia moet de bemanning van het ruimteschip Enterprise een probleem oplossen op een planeet waarvan ik de naam alweer vergeten ben. Ondertussen duikt er ook een Romulaans oorlogsschip op. Zal het Kirk en zijn mannen lukken om de planeet te redden voordat hun schip aan flarden is geschoten?
Een interessant thema, maar daar blijft tijdens het spel niets van over. Je moet op verschillende locaties opdrachten vervullen, waarbij een aantal van deze opdrachten samen de verhaallijn vormen. Helaas ben je tijdens het spel meer bezig met het verzamelen van de juiste kaartjes dan met het beleven van het verhaal.
Ik heb het spel nu een keer gespeeld (resultaat: opdracht geslaagd, maar de planeet is voorgoed onbewoonbaar...), en heb het nu wel gezien. Ook voor diegenen die dit wel een geslaagd spel vinden, lijkt me de wederspeelbaarheid klein; er zit namelijk maar een enkel verhaal in de doos.
Takenoko
In de tuin van de Japanse keizer voeren een panda en een tuinman een gevecht om de bamboescheuten. Het speelmateriaal ziet er prachtig uit, maar het spel valt bijzonder tegen. De acties die je in een beurt kan doen, worden grotendeels bepaald door de worp van een dobbelsteen, waarbij sommige worpen veel beter zijn dan andere. Punten haal je door het vervullen van de opdrachten op blind getrokken kaartjes, waarvan sommige heel makkelijk, en andere bijna onuitvoerbaar zijn. Voeg daar nog bij dat de speelsituatie door de acties van de tegenstanders volledig kan veranderen tussen twee van je beurten in, en dan zal je begrijpen dat van enige strategische planning geen sprake kan zijn.
Takenoko is een veel te geluksafhankelijk spel, dat gezien de fraaie vormgeving wellicht bedoeld is om met een jongere generatie te spelen. Mij doe je met dergelijke chaos geen plezier.
Pente
Deze variant van vijf-op-een-rij is best aardig, maar was te eenvoudig om mij lang te kunnen boeien.
Keltis dobbelspel
Carcassonne dobbelspel
Ook deze twee slaapverwekkende dobbelspellen heb ik eerder besproken.
Ticket to Ride: Team Asia
Ik ben geen liefhebber van Ticket to Ride, maar deze uitbreiding vond ik nog minder. In de Team Asia variant speel je samen met een partner. De helft van je kaarten zet je op een rekje tussen jou en je partner in, zodat jullie ze beiden kunnen gebruiken. De andere kaarten blijven geheim. Het resultaat is chaos, omdat je niet mag communiceren over wat je van plan bent. Ik vond het geen succes.


















